Last van stress? Hier vind je de allerbelangrijkste tip

ik heb stress wat moet ik doen

Er is maar één ding dat je wil: rust. Ik heb stress – wat moet ik eraan doen? Wat kan ik eraan doen? Dat heb ik me vaak afgevraagd. En jij vraagt het je misschien ook af, zo nu en dan, of misschien wel dagelijks.

Je wil rust.

Rust in jezelf en rust om je heen. Je wil een leven zonder stress, want je bent vaak of altijd gestrest. Je ervaart allerlei stress gerelateerde klachten die je functioneren in de weg staan. Je voelt je bijvoorbeeld opgejaagd en kan niet slapen. Of je hebt er gewoon last van, van al dat moeten en dat gezeur aan je kop.

Je kunt soms de oorzaken van de stress niet wegnemen, maar dan nog is er veel te veranderen in jezelf, zodat de stressgevoelens afnemen. Ik heb een Mindfulness training gedaan en dat heeft mij enorm geholpen.

Er zijn vele oorzaken voor stress

Kun je de opvoeding van je kleine kinderen amper combineren met je baan? Maak je je druk wat anderen van je vinden? Heb je geldzorgen? Lig je in scheiding? Moet je in je eentje voor je zieke moeder zorgen naast je werk? Is je partner vreemdgegaan? Heb je last van hoge werkdruk? Word je gediscrimineerd? Kun je je grenzen niet aangeven? Ervaar je problemen in de opvoeding? Heb je ruzie met je ex?

Eh – Laten we het even niet hebben over kinderen die doodgaan aan honger en dorst.

Aardbevingen, overstromingen, het uitmoorden van volkeren.

Dat is pas echt erg.

Maar toch hebben we vaak last van stress. Ook wanneer we de boel relativeren en eigenlijk wel weten dat het zo erg niet is allemaal.

Iedereen is anders en verkeert in andere situaties

Iedereen maakt vervelende of lastige of moeilijke dingen mee en iedereen heeft zijn eigen manier om daarop te reageren en ermee om te gaan. De één kan meer hebben dan de ander. Maar iedereen heeft een bepaalde draagkracht en een bepaalde draaglast.

Op sommige momenten wordt de balans te lang en te erg uit evenwicht gehaald en kun je de balans niet terugvinden of terugbrengen. Dan wordt de stress echt een probleem en krijg je allerlei klachten. Lichamelijk of psychisch of allebei.

Wanneer je je stress-klachten gedurende lange tijd chronisch negeert, of eraan voorbij gaat, krijg je een burn-out. Wanneer je doorgaat als je overspannen bent, of wanneer je weer op de oude voet doorgaat wanneer je overspannen was, krijg je een burn-out.

Met een burn-out kun je tegen allerlei onbegrip aanlopen in je omgeving, wat voor nog meer stress zorgt en waardoor je geneigd bent opnieuw over je grenzen te gaan.

De stress die je hebt bij een burn-out is echte stress. Dan is je stress systeem in je lichaam volledig uit balans en dat lost niet even op met een beetje rust. Maar gewone stress daar kun je wel iets aan doen.

Wat kun je doen tegen stress?

Er zijn vele en vele tips te vinden tegen stress.

Maar ik spreek uit ervaring, want anders zou ik dit niet beweren. Wat heb je aan al die tips van mensen die niet écht weten waar ze het over hebben? Ik heb zelfs adviezen gekregen die de boel erger maakten.

Je hebt stress en ik weet wat je eraan kan doen.

De allerbelangrijkste tip is ook de allermoeilijkste.

Besef dat de meeste stress in je hoofd zit

Reuze flauw en toch is het waar. Simpel en onwijs moeilijk tegelijk.

Serieus. Ik zal het kort uitleggen en in andere berichten ga ik er dieper op in. Er is absoluut oefening voor nodig en misschien begrijp je nog lang niet wat ik bedoel. Maar wanneer je doorkrijgt dat de stress waar je last van hebt alleen maar in je hoofd bestaat, in je gedachten, gaat je stress afnemen.

Ik zeg niet dat er geen vervelende en nare situaties bestaan

Die bestaan wel. En je gevoelens over die nare situaties zijn er ook. Die bestaan en die zullen er zijn. Er zal soms verdriet, angst, boosheid, jaloezie, woede en frustratie zijn. Of andere negativiteit.

Er zal pijn zijn

Maar.

Hoe je omgaat met die pijn bepaalt voor een groot deel je stress niveau. Je gedachtes bepalen je stress niveau. Maar je bent niet je denken. Stress ontstaat door verzet.

Stress ontstaat wanneer er verzet is tegen een bepaalde situatie

Wanneer je de frustratie of woede of verdriet of wat dan ook kunt voelen die er is, maar die tegelijk kunt accepteren, ervaar je geen stress. Het doet wel pijn, maar je hebt geen stress.

Accepteren

En je concentreren op het nu. Het enige moment dat er is en dat er ooit zal zijn. Accepteren dat iets zo is. Voelen wat er is. En accepteren wat je voelt op dat moment.

Niet loslaten of je erbij neerleggen, dat is iets heel anders

Ik zeg niet dat je moet accepteren dat je wordt gediscrimineerd op je werk, dat je het maar oké moet vinden wanneer je in elkaar geslagen wordt of dat je het maar goed moet vinden als je kinderen de muren vol tekenen met watervaste stift.

Het betekent ook niet dat je niets moet doen. Sommige situaties vragen om verandering of inbreng of actie, van jou of van iemand anders.

Het gaat erom de situatie te accepteren zoals die is, zonder er allerlei zich herhalende gedachtes en emoties en dus frustraties over te hebben die tot niets leiden.

Je negatieve gedachtes leiden tot lijden – tot stress

Stress is een reactie van je lichaam die erg nuttig is.

Stress is noodzakelijk om te overleven. Vroeger had je stress nodig wanneer er een beer voor je stond. Dan stond je stil of je vluchtte. Je hartslag ging op hol om die ene juiste beslissing te nemen om te blijven leven. Je instinct nam het over. Of je werd toch nog opgegeten met een beetje pech, want een stressreactie is geen wondermiddel.

Natuurlijk heb je stress niet altijd nodig.

Stress is een reactie van je lichaam in een stresssituatie

En dan is het een prima systeem van je lichaam om te overleven.

Hoewel er meestal geen beren loslopen, kan je tegenwoordig ook baat hebben bij stress. Wanneer er achter de dubbel geparkeerde auto een snelheidsmaniak tevoorschijn komt, die jou en je overstekende kind niet heeft gezien en die jij niet hebt zien aankomen.

Dan reageer je instinctief en wordt de adrenaline in je lijf rondgepompt.

Je hart gaat tekeer. Het is schrikken en tegelijkertijd juist reageren, of platgereden worden. En een beetje mazzel hebben omdat die automobilist met een in werking getreden ABS-systeem vlak voor je kind stil staat. Omdat hij gelukkig ook door zijn eigen stresssysteem juist reageert.

Maar stress die de meeste mensen dagelijks ervaren is zinloos

En van die stress kun je afkomen. Wanneer je beseft dat die stress zich afspeelt in je hoofd en wordt veroorzaakt door hoe jij tegen de dingen aankijkt.

Die stress wordt veroorzaakt door je gedachtes.

Je verlangens, je wensen, je verwachtingen, je patronen, je ideeën. Je hebt zorgen en problemen. Je problemen zijn er wel, maar het zijn problemen omdat jij ze problemen vindt. Omdat je denkt dat het problemen zijn. Omdat je iets anders wil. Je wilt een andere situatie dan er nu is. Je verkeert met je gedachtes in het verleden of in de toekomst. Er worden filmpjes afgespeeld in je hoofd.

Ik speel ook stress filmpjes af in mijn hoofd. Ik zeg zeker niet dat het makkelijk is om dat niet te doen. Maar je kunt het veranderen.

Je hebt stress. Wat moet je doen om er vanaf te komen?

Accepteer. Voel wat er is. Nu. Op dit moment.

Lukt dat niet? Waarschijnlijk slepen je gedachtes je mee. Je voelt stress door je problemen. Door je gedachtes.

Heb je stress wanneer je niet denkt?

Nee.

De kunst is het niet denken te oefenen

De kunst van het geen stress ervaren is te accepteren wat er nu is en tegelijk te beseffen dat er in het huidige moment helemaal geen probleem is.

Nu is nu.

Problemen worden veroorzaakt door de gedachtes en verwachtingen en oordelen die je eraan hangt.

Maar niet denken is voor de meesten erg moeilijk

En toch zijn er momenten waarop zelfs de meest hardnekkige denkers en aan denken verslaafde mensen níet denken. Momenten waarin ze opgaan in het moment zelf. Meestal erg kleine momentjes, maar toch.

Wanneer je opmerkt dat je denkt, dan stopt het denken zelf al even

En op dat moment ervaar je dus ook geen stress. Je bent compleet aanwezig in het nu.

Als je je afvraagt:

Ik heb stress en daar heb ik last van en wat moet ik doen om daar vanaf te komen?

En je gaat je op dat moment serieus bezighouden met oplossingen en bijvoorbeeld het opzoeken van informatie, dan zul je merken dat je op dat moment geen stress had. Je was zo geconcentreerd bezig dat je niet echt dacht aan je probleem.

Er zijn situaties waarin je wel je hoofd gebruikt, maar waarin je niet wordt meegesleept door het probleemdenken en de stress daarbij.

En daar is het begin

In een achtbaan. In het zwembad van een snelle glijbaan. Daar sowieso.

Maar ook wanneer je een spannende film kijkt, wanneer je van een berg af skiet, wanneer je nadenkt over een moeilijk cryptogram, wanneer je een Sinterklaas gedicht schrijft, wanneer je een instrument bespeelt. In al dat soort situaties doe je je best te focussen op iets in het huidige moment.

Je concentreert je zodanig op iets dat je niet over je problemen kunt fantaseren. Je doet iets dat net genoeg aandacht vraagt om je best te moeten doen, maar dat niet zo moeilijk is dat je er steeds mee stopt en dat ook niet zo makkelijk is dat je gedachtes op volle toeren in de toekomst of in het verleden kunnen verkeren.

Het is iets waar je in opgaat, maar wat toch net zoveel aandacht vraagt dat je er niet bij kan nadenken.

Stress waar je continu last van hebt, wordt veroorzaakt door je gedachtes

Je hoeft niet uren te gaan mediteren om te proberen gedachteloos te worden. Het kan wel en zal ook zeker werken, maar het hoeft niet. Het beginnen op te merken dat je denkt is genoeg en dat kan overal. Tijdens het mediteren, maar ook tijdens het afwassen of wanneer je ligt te malen in bed.

Merk op dat je maalt en je zorgen maakt en filmpjes draait in je hoofd, die zich afspelen in de toekomst of in het verleden.

Merk op dat je denkt

Concentreer je op was er nu is. Om te beginnen iets waar je makkelijker je aandacht bij kunt houden. Bijvoorbeeld de kleine zachte haartjes van je baby. Mooie muziek. Het zachte wangetje van je kleinkind. Koffie met slagroom. Iets waar je je prettig bij voelt en waar je je makkelijk op concentreert.

Je kunt ook in je eigen lichaam voelen wat je voelt, maar dat is vaak moeilijker. Iets waar je aandacht vanzelf makkelijk blijft hangen, is handig om te beginnen.

Heb je geen slagroomtaartje? Je ademhaling kan ook. Maar ik vind mijn hartslag prettiger omdat je je ademhaling alsnog kunt sturen. Je hartslag is hoe ie is.

Word je weer naar je denken toegetrokken? Dat kan. Dat gebeurt in het begin heel erg vaak. Ga gewoon weer met je aandacht naar je kind. Of je hartslag.

Kan je dat niet? Lukt het niet?

Alle begin is moeilijk. Oefening baart kunst.

Niet denken is onmogelijk? Toch is dit de sleutel tot je stressloze bestaan.

Besef dat alle stress door je gedachtes veroorzaakt wordt. Je gedachtes over de toekomst en over het verleden.

Nu is echt alleen maar nu. Daarna is het alweer verleden tijd. Je weet niet wat de toekomst brengen zal. Als je opgaat in het heden en het moment helemaal beleeft, kunnen er geen storende stressgedachtes zijn. En dus ook geen stress. Behalve als nú die beer voor je staat, of die auto. Of als nú de vinger van je kind eraf wordt geperst.

&

Hoe kan je gelukkig zijn – een sprookje?

hoe kan je gelukkig zijn

Hoe kan je gelukkig zijn? In het onderstaande sprookje van Grimm komt wat mij betreft wonderbaarlijk naar voren wat er wordt bedoeld met verlichting, met vrede in jezelf, met de kracht van het nu, met een god, met de spirituele wereld. Vrede, manieren om gelukkig te zijn, tevredenheid, een leuk leven, rust in jezelf, eenheid, heelheid, zingeving. Ik scheer nu eventjes veel termen over één kam, maar ik ben ervan overtuigd dat wat veel mensen zoeken, in feite meer overeenkomsten heeft dan verschillen.

Gelukkig zijn: hoe doe je dat en kan dat wel?

Mensen zoeken het in meditatie, we proberen om onze eigen geest te leren kennen, onze geest te temmen. Terwijl we doen wat we leuk vinden, willen we ook gelukkige relaties. We zoeken het in god of in goden, we zoeken het in geloof, of we zijn bezig met het opnieuw ontdekken van de spirituele wereld. We proberen zonder stress te (gaan) leven. We zijn bezig met de combinatie van wijsheid en geloof, met het blij zijn met wat je bent en hebt. Terwijl we bezig zijn met bewuste ontspanning, met mindful leven, met therapie en met cursussen, zijn we bezig met alles dat verdieping geeft aan ons aardse bestaan.

Veel mensen zoeken manieren om zin te geven aan hun dagelijkse leven.

Sprookjes bestaan niet. Of bestaan ze vaker dan we denken?

Jacob en Wilhelm Grimm waren twee broers, geboren in 1785 en 1786. Zij verzamelden historische verhalen en dit leidde in 1812 tot een uitgave van sprookjes, niet geschikt voor kinderen. Oorspronkelijk waren het volksvertellingen voor volwassenen, vol geweld. Na verscheidene bewerkingen kwamen de sprookjes op de markt voor kinderen.

Op mijn tafel ligt Janosch erzählt Grimm’s Märchen uit 1972 (oorspronkelijke titel), oftewel Janosch vertelt de sprookjes van Grimm, uit 1978.

Gisteravond las ik mijn kinderen uit dit boek een sprookje voor. Ik kende het niet van tevoren en het was een gekregen oud boek. Het was het eerste verhaaltje dat ik eruit las en gewoon zomaar ergens uit het midden, uitgekozen door mijn dochter. Ik was verbaasd en verrast over de inhoud.

Het gaat over wat vele mensen zoeken. Soms zoeken ze het zelfs zonder dat zelf te weten

In het sprookje wordt ook exact omschreven dat iemand van wie je houdt en die dood is, gewoon naast je is. Precies hoe ik het voel.

Hoewel ik het sprookje “Het zingende beentje” (blz. 58) aan mijn kinderen voorlas, kan ik er als volwassene nog het meest van opsteken. Ook na jarenlange veranderingen en herschrijvingen en andere versies, vind ik dit sprookje zo veelzeggend, dat ik het hier volledig overschrijf:

Het zingende beentje

Er was eens een jongen die niets om geld of rijkdom gaf. Alles wat hij bezat, droeg hij aan zijn lijf: broek, jas, hemd, schoenen en in de winter had hij nog een muts op. Wat hij kreeg, liet hij weer ergens achter voor een gelukkige vinder.

Muziek was het enige waar hij om gaf en hij kon prachtig spelen. Waar hij heenging, maakte hij muziek, waar hij uitrustte, speelde hij een lied; altijd hoorde hij binnen in zich muziek en die móest hij spelen, spelen. Heerlijk was dat!

Wanneer hij een berg beklom en hout vond dat door de wind uitgedroogd was, ging hij zitten en maakte uit het hout een fluit. En alle liedjes, die door de wind over de berg heengeblazen werden, kon de jongen aan de fluit ontlokken.

Zat hij bij een vijver, dan maakte hij een fluit van riet en alle liedjes, die het water en de watervogels door dat riet gezongen hadden, kon hij spelen.

Zat hij in een weide, dan bouwde hij een kleine viool.

Zo zwierf hij altijd maar rond en trok ook naar andere landen. Hij hoefde zich over eten en drinken geen zorgen te maken, de mensen gaven het hem graag omdat hij muzikant was.

Eens kwam hij op een eiland, waar bijna geen mensen woonden. De bossen waren uitgedroogd, het zand was heet en verder was er de zee en de zon.

Toen de jongen op het strand liep, vond hij een vogelbot, een vogelbeentje, wit van kleur en heel broos. Van binnen was het hol. De jongen maakte er een fluit van. En toen hij erop speelde, klonk de muziek heel bijzonder, betoverend en heerlijk. Het was een lied, maar het was ook een verhaal. Een verhaal van een heilige vogel en de jongen zweefde over de zee, heel hoog in de blauwe hemel. Hij zweefde over droomlanden, die nooit ontdekt waren.

Het vogelbot was een beentje van de heilige vogel Kolp, die achthonderd jaar geleden door de mensen was doodgeslagen. Niemand had ooit zijn lijkje gevonden, want de wind had het met zich meegedragen en het op het eiland in het zand gelegd.

Hoe langer de jongen speelde, hoe betoverender het vogelbeentje zong; tijd bestond er niet meer, gisteren was vandaag geworden en vandaag was gisteren en gisteren was morgen. De uren en dagen waren weggevallen, op het plekje waar de jongen speelde was de hele wereld te vinden, alles was samengesmolten.

Op een keer hield de jongen op met spelen. Hij ging weer naar de mensen en toen gebeurde er iets wonderbaarlijks. Als het vogelbeen zong, beleefde iedereen een ander verhaal. Het gezang was een lied, er waren klanken, maar er was ook een verhaal. Wie bijvoorbeeld iets verloren was, wist plotseling waar hij het terug kon vinden. Wie zich zorgen maakte, wist plotseling hoeveel die zorgen waard waren en meestal was dat niet veel. Wie door de dood een goede vriend verloren had, wist nu opeens waar hij was. Niet weg, nee, hij was hier, naast hem. En de allergelukkigste mensen zweefden heel, heel hoog in de lucht; ze waren als de heilige vogel Kolp, ze waren wolken en hemel en vuur en zand, ze waren lachen en tranen en regen en zon, maar ook waren ze een boom.

Ja, toen de jongen op het vogelbeen speelde, was alles goed. Het was, alsof de heilige vogel Kolp nog leefde.

Wanneer kan jij gelukkig zijn en hoe doe je dat?

Je zoekt naar rust in je hoofd, naar vrede in jezelf? God? Spiritualiteit? Verbinding? Innerlijke rust? Verlichting? Vrede? Tevredenheid? Vreugde? Je zoekt verdieping, je wil weten wat de zin van het leven is? Of zoek je niet zoveel? Of niks eigenlijk?

Veel mensen zoeken het. Maar het is er altijd al. Als je het wil vinden, hoef je niet ver te zoeken. Het zit allemaal al binnen in je. In jou. En in iedereen. We zijn allemaal met elkaar verbonden, is wat ik geloof. Wat je geloof of niet-geloof ook is.

Dit sprookje is een lang en lang geleden keer op keer doorverteld verhaal – volgens mij is het de werkelijkheid

En het vertelt hoe je gelukkig kan zijn. Alleen heb je geen muziek uit een vogelbeen van een heilige vogel nodig om te beseffen dat alles goed is. Dat kun je gewoon zelf.

Het nare is alleen dat de heilige vogel door de mensen is doodgeslagen. En dat is precies wat er volgens mij keer op keer gebeurt. Je slaat het gelukkig zijn in jezelf kapot. Je slaat de tevredenheid in jezelf stuk. Veel mensen slaan daardoor ook anderen stuk, soms letterlijk.

Hoe kunnen we samen als de heilige vogel zijn en wolken en hemel en vuur en zand en tranen en lachen en regen en zon en een boom, terwijl we dat ook weten?

&

Gek van de hitte – 6 tips die echt werken

tips tegen de warmte die echt werken

Ik heb een hekel aan de hitte in de zomer. Verkoeling nodig? Ik heb tips tegen de warmte die echt werken. Ook kleine kinderen hebben er zeker weten baat bij. Er zijn vele adviezen te vinden om de zomer door te komen als je niet van de warmte houdt, maar de meeste tips die ik tegenkom, zijn zo voor de hand liggend dat ik er niks aan heb. Of ze helpen voor geen meter en zijn alleen maar leuk verzonnen. Maar wat nou als je ziek wordt van de warmte overdag en er ook nog de hele nacht van wakker ligt? Wat nou als je kleine kind duidelijk last heeft van de hitte?

Uit de zon blijven… serieus?! Je zoekt toch tips tegen de warmte die echt werken?

Uit de zon blijven. Ja. Dit is een tip die ik tegenkom. Natuurlijk blijf je uit de zon als je gek wordt van die warmte. Logisch toch. Veel adviezen tegen de hitte had je makkelijk zelf bedacht. Uit de zon blijven doe je automatisch. Net als op het heetst van de dag binnen blijven. Tenminste als dat kan. Die tips tegen de warmte werken niet echt, dat is het soort tips om aandacht te trekken met een stukje tekst, terwijl diegene niet spreekt uit ervaring.

Soms weet je van tevoren al dat de tip niet gaat werken.

Hitte accepteren?

Ja en nee.

Zelf kan ik bijzonder slecht tegen de hitte. Ik verbrand snel, maar word ook gewoon niet goed van die warmte. Ik word er letterlijk beroerd van als de temperatuur stijgt. Ook wanneer ik me erbij neerleg dat het zo heet is.

Ik heb lang gedacht dat ik de zomer en de zon leuk moest vinden, zoals bijna iedereen dat lijkt te doen. Maar ik vind het niet leuk. Ik heb een hekel aan de hitte in de zomer. Daarom doe ik alles om zo koel mogelijk te blijven. Het is toch fijn als je iets kunt doen om je beter te voelen.

Als je niet tegen de warmte kunt, heb ik 7 tips voor je die echt werken

Tips die er zeker voor zorgen dat jij je meteen fijner voelt wanneer je ze toepast. Ook kleine kinderen kunnen met deze tips goed koel blijven, zowel overdag als ’s nachts. Al het onderstaande voer ik namelijk zelf uit als ik me onprettig of ziek voel door de warmte. En dan voel ik me weer kiplekker! Het makkelijkst is wanneer je thuis bent, maar ook wanneer je naar je werk moet, kun je met een beetje creativiteit en brutaliteit een heel eind komen.

1. Ga zitten met je voeten in een emmer koud water

Wanneer je er even uit moet, ga dan vooral niet je voeten afdrogen. Juist het water op je huid zorgt dat je fris blijft.

2. Maak een handdoek goed nat en hang die over je schouders

Wanneer je thuis zit, is dit makkelijk uit te voeren en het is iets waar je enorm van opknapt. Een natte handdoek en het liefst een grote zorgt onmiddellijk dat je je stukken beter voelt. Het werkt het best wanneer je bovenlijf zo bloot mogelijk is. Maar over een hemdje kan natuurlijk ook prima.

Zit je op je werk waar je niet zoveel privé zit? Als je alleen tegenover je collega zit te typen en te bellen, kan je best een natte handdoek over je schouders leggen. Maar als je een bus bestuurt, is dat wat moeilijker. Dan zou je een sjaaltje goed nat kunnen maken en dat in je nek en over je borst leggen, of een klein handdoekje.

Wanneer deze tip voor jou moeilijk uit te voeren is, dan is tip 5 misschien praktischer.

3. Ga ’s nachts onder een natte handdoek liggen

Geen lakens in de vriezer, geen koele dekens. Dat werkt natuurlijk voor geen meter. Ook alleen onder de sloop van je dekbed liggen is veel en veel te warm. Koude lakens zijn binnen een paar minuten opgewarmd. Dat zijn tips tegen de warmte die echt niet werken en zelfs helemaal niets doen. Ook zonder iets over je heen is het te heet om te kunnen slapen! Je temperatuur is te hoog en daardoor voel jij je beroerd.

Wil je het ’s nachts zelfs koud krijgen zodat je daarna onder je warme laken of deken kunt kruipen? Kan je kind niet slapen door de warmte?

Neem een groot badlaken of gewone handdoek en maak die goed nat. Echt drijfnat zodat het lekt is misschien teveel van het goede, omdat je bed dan ook nat wordt, maar doe vooral wat je zelf prettig vindt. Zo nat dat het lekker doorweekt is, maar niet lekt, vind ik het best.

Ga er onder liggen en geniet van de kou. Vooral ook lekker op je voeten leggen. Je zult merken dat je veel beter slaapt. Als je het na verloop van tijd koud krijgt omdat de nacht afkoelt, gooi je je natte handdoek gewoon aan de kant.

4. Trek ’s nachts natte sokken aan

Wanneer je de natte handdoek iets teveel van het goede vindt, of juist nog meer verkoeling wil, dan werkt het fantastisch om natte sokken aan te doen. Die handdoek verschuift na een tijdje en ook hete voeten zorgen ervoor dat je niet kunt slapen. Wanneer je je sokken goed nat maakt, blijven die lekker op hun plaats. Heerlijk koud.

5. Maak je kleding nat

Volgens mij kan bijna iedereen dit doen. Natuurlijk is het alweer het makkelijkst wanneer je thuis bent, maar je kunt vrijwel alles nat maken. En het geeft echt enorm veel verkoeling. Dit is de tip voor overdag die het beste werkt. Zeker ook voor kinderen.

Giet een paar bekers water over je rok of broek. Ga in de weer met een plantenspuit. Hou je shirt en broek onder de kraan. Verzin het maar. Een spijkerbroek of spijkerrok blijft lekker lang fris. Katoen neemt veel water op en blijft lang vochtig. Beetje opgedroogd? Dan weer langs de kraan.

Alleen voor mensen met een dik uniform lijkt het me wat lastiger, maar misschien kun je je hemd of shirt eronder nat houden. Een plantenspuit binnen handbereik moet toch kunnen. Of maak alleen je broek of rok nat omdat dat minder opvalt. Ook gedeeltelijk natte kleding geeft al enorm veel verlichting in de warmte.

Alle sportkleding is er tegenwoordig op gemaakt om je goed droog te houden, maar zoek nu juist kledingstukken die lekker nat blijven.

6. Zet een hoed op

Moet je langere tijd echt buiten zijn of wil je dat? Ook wanneer je gek wordt van de zon? Zet een hoed op. Pet mag ook, maar een hoed is beter. En dan niet zo’n dun lichtdoorlatend strooien gevalletje zonder rand, dat helpt nog niks. Ja, het gaat eronder zweten, maar de schaduw op je gezicht en op je schouders en nek is echt veel koeler dan met je hoofd in de volle zon lopen.

7. Houd ijsklontjes paraat

Wanneer je een baan hebt waar je onberispelijk moet blijven – voor zover dat lukt in de hitte – en er is dus geen airco, houd dan een voorraadje ijsblokjes klaar. Leg er een paar in een bakje en laat regelmatig je handen en polsen ijskoud worden. IJsblokjes in je mond kan natuurlijk ook.

8. Alles bij elkaar!

Met 25 graden hoeft het misschien niet. Maar 29? Pfff. En met 34 graden in het vooruitzicht, weet ik wel zéker wat ik dan ga doen. Zo gauw het mogelijk is, zit ik met mijn voeten in een emmer koud water, heb ik een doorweekte rok die lekker lang nat blijft, hangt er een kletsnatte handdoek over mijn blote schouders en lig ik ’s nachts onder een natte handdoek en heb ik natte sokken aan. Als ik in een pretpark ben met 30 graden in de volle zon, heb ik een hoed op die de zon echt tegenhoudt.

Mijn tips die serieus werken tegen de afschuwelijke warmte, ook als je echt niet tegen de hitte kunt. Probeer maar!

Hittegolf? Geniet van de koelte!

&

Een hekel aan de hitte in de zomer is normaal

hekel aan hitte zomer

Waarom je de hitte in de zomer en de hete zon gewoon hartstikke vreselijk mag vinden. Lang heb ik gedacht dat het tussen mijn oren zat en ik heb ook lang het idee gehad dat het niet normaal was om een hekel te hebben aan de hete zon, de hitte en het zogenaamd mooie weer in de zomer. Het lijkt altijd alsof iedereen erg geniet van de zon en zelfs van een hittegolf. Ik niet. Mijn tips tegen de warmte helpen dus echt.

Heb jij een hekel aan de hitte in de zomer?

Ik wel.

Natuurlijk word je gewaarschuwd wanneer het heel erg warm wordt en moeten vooral ouderen en baby’s en kleine kinderen oppassen in de warmte. Maar wat als je nou niet geniet van de warmte? Er wordt toch meestal verwacht dat je de zomer heerlijk vindt.

Lekker op een terras, fijn naar het strand, vertoeven aan of in een zwembad en dat allemaal in de snikhete zon

Alsof dat leuk is.

Op vakantie naar tropische oorden met het vliegtuig, omdat het in Nederland nou niet altijd zo prachtig is. Maar de laatste jaren waan ik mij in Spanje of nog erger en warmer. Ik ben ooit naar Thailand geweest en naar Vietnam, om iets mee te krijgen van een andere cultuur. Ooit ging ik ook nog wel op vakantie naar een warm land omdat ik daar niet zo goed over nadacht… Maar wat deed ik voornamelijk?

Zeuren.

Mijn mede vakantiegangers werden altijd gek van mijn geklaag

Elk uur of soms wel elke minuut kan ik zeggen dat ik het zo warm heb.

Het is zo héét!!! Oh, wat is het heet! Ik zweet me de ….! Ik voel me zo …! Wat een … hitte! Oh … wat heb ik het … héét!”

En op de puntjes horen dan allerhande scheldwoorden. Sorry.

Ik krijg meestal te horen dat het heus niet minder warm wordt als ik steeds zeg dat ik het zo heet heb. En dat iedereen zweet. Dat wanneer ik er niet zo over zeur, dat het dan best meevalt. Ik moet me eroverheen zetten.

Ik moet proberen ervan te genieten

Als ik bedenk dat ik het heerlijk vind, dat ik er dan vanzelf van geniet. Het zit dus in mijn hoofd, dat ik last heb van de warmte.

Voor een deel zit daar iets in. Je bent je gedachten niet – en toch weer wel. Wanneer je dingen kunt accepteren zoals ze zijn, scheelt dat een hoop stress, want de meeste stress zit in je hoofd. Zeker waar. Maar waarom voel ik me dan niet beter als ik dat doe?

Waarom voel ik me dan nog steeds beroerd in de hitte?

Omdat het toch niet zo werkt. In ieder geval niet met warmte waar je een hekel aan hebt, of liever gezegd, de hitte in de zomer waar je gewoon niet goed tegen kunt. Ik ben er sinds kort achter dat het gegeven dat ik me ziek voel in zulke hoge temperaturen, een lichamelijk feit is.

Het zit niet in mijn hoofd

Nou heb ik ergens gelezen dat vooral dikke mensen en mensen die te weinig zweten erg last hebben van de warmte. Dat zal best zo zijn, maar je kunt je ook absoluut ziek voelen door de warmte als je dun bent en genoeg zweet: daar ben ik het levende voorbeeld van.

Mijn lijf wordt letterlijk enorm langzaam en mijn hersens functioneren niet meer zoals ik gewend ben wanneer de temperatuur stijgt. Ik kan niet meer helder denken, mijn spieren voelen als elastiek, mijn voeten doen pijn, ik voel me echt slap en ziek en wazig. En ik zie er ook nog uit als een natte tomaat. Dat is niet omdat ik de hitte en de zon niet leuk vind, maar omdat mijn lichaam zo reageert op die hitte.

Vanzelf. Spontaan. Genetisch

Net alsof je verkouden wordt of je teen stoot; dat ongemak en die pijn zijn niet psychisch. Het is niet zo dat wanneer je er anders mee leert omgaan, dat het dan overgaat. Het zijn geen gedachtes. Het is niet zo dat als je maar accepteert dat je verkouden bent, dat het dan weggaat. Je teen stoten doet heel erg pijn. Dat is het resultaat van je lichaam en een factor daarbuiten. En zo is het ook met die warmte.

Ik stel me niet aan. Ja tuurlijk, er zijn ergere dingen, maar daar gaat het nu even niet over. En nee, zeuren helpt niet. Maar het is soms gewoon fijn. Om te zeggen hoe je je voelt. Zodat ze het snappen.

Niet dus.

Wat ben je wit! Jij moet nodig in het zonnetje

Echt niet. Niet in de zon.

Lang geleden heb ik een soort van alsof gedaan. Meegedaan. Omdat iedereen bruin wilde zijn en dat normaal was. Ik wilde ook een bruin kleurtje en niet steeds voor gek worden verklaard omdat ik zo wit was. Gewoon doen wat de meesten doen. Net zoals het plaatsen van foto’s op social media normaal gevonden wordt, leek het vroeger alleen normaal als je uren in de zon ging liggen bakken.

En dat deed ik dus ook…

Daar ben ik overheen gelukkig. Dan maar wit en ook in de zomer. Zo ben ik van nature. Prima toch. Ik vind het zelfs mooi.

Nu is er steeds meer bekend over de nare gevolgen van teveel zon en verbranden en val je minder op als je je goed insmeert. Maar een aantal jaren geleden nog kreeg ik altijd commentaar op factor 50. Behalve dat ik slecht tegen de hitte kan, verbrand ik ook snel. Er zijn natuurlijk erg veel mensen die nog wel uren in de zon gaan liggen of onder de zonnebank gaan, of zich van top tot teen met bruiningscrème insmeren, maar ik wil nu gewoon lekker wit zijn.

Maar er is nog iets.

Het idee dat je naar buiten moet wanneer de zon schijnt en zelfs in de zon moet zitten

Behalve de bruin of wit vraag en het feit dat sommigen serieus slecht tegen de warmte kunnen, is er sociale druk. Je wordt geacht te doen wat de meesten doen. En in sommige situaties is het dan best moeilijk om te doen wat je zelf prettig vindt. Er wordt vaak vanuit gegaan dat iedereen blij wordt van de hete zomerzon.

Mijn vader zat met de hitte altijd het liefst binnen

En dat vonden de meesten een beetje raar. Hij viel op. Het werd wel geaccepteerd, maar zeg nou eerlijk, wie gaat er nou binnen zitten met dat mooie weer? Zelfs toen er nog geen internet was, was er blijkbaar veel invloed van anderen.

Wie gaat er nou vrijwillig binnen zitten in de zomer?

Dat is zo ongezellig. Iedereen viert feest. In voortuinen en op balkonnetjes worden lekkere drankjes gedronken. In achtertuinen zijn ze in de zon aan het barbecueën.

Je moet toch lekker naar buiten en van het zonnetje genieten?

Je moet toch gewoon mee op een terras?

“Es, je gaat toch niet alleen thuis blijven met dat mooie weer, ga gezellig mee naar het strand!”

Ja, dat deed ik soms. En andere dingen ook waarbij ik het werkelijk bloedheet had en niet wist waar ik het zoeken moest.

Met collega’s wandelen tijdens de lunchpauze. In de snikhete zon iets drinken. Met een verjaardag bij alle visite in de tuin zonder schaduw. Met een teamuitje bij een restaurant buiten eten zonder parasol, omdat iedereen vanzelfsprekend in de zon zit.

Je voelt je toch een buitenstaander wanneer je met het prachtige weer niet meedoet

Maar ook daar ben ik overheen. Het is prima om in de schaduw te blijven, ook in je eentje. Het is oké om binnen te zitten als de rest buiten zit en het ook met een parasol niet te harden is. En soms kan het niet anders of wil je niet anders en moet je even doorbijten.

Heb jij ook een hekel aan de hitte in de zomer?

Je wijkt af van het gemiddelde. Je bent niet normaal

Althans zo lijkt het.

Maar.

De andere mensen die de warmte en de brandende zon niet fijn vinden, die zie je natuurlijk niet. Die hebben het ook vast gezellig, maar alleen anders.

Het heeft even geduurd, maar nu zit ik dus ook vaak binnen in de zomer. Niet altijd natuurlijk, maar ik vind het normaal.

Ik heb een hekel aan die bloedhete zon in de zomer en die afschuwelijke hitte

Ik voel me er ziek door.

Maar weet je wat nou zo fijn is? Zodra ik een supermarkt binnenstap, voel ik me op slag vrolijk en fit en zo fris als een hoentje. Mijn ziekte verdwijnt onmiddellijk. Ook als ik er niet over heb nagedacht van tevoren, want boodschappen worden gewoon gehaald, ook met een langzaam brein en een traag lichaam.

Lekker weertje joh

Mwah. Geef mij maar een pak sneeuw.

Ook zo’n last van de warmte? Lees dan vooral Mijn 6 Tips tegen de warmte die echt werken!

&

Is heel oud worden wel zo leuk?

heel oud worden leuk

Een week geleden overleed de vader van een kind bij mijn kinderen op school. Een basisschool welteverstaan. Die vader was een paar jaar ouder dan ik. We willen meestal niet dood. Maar is het wel zo leuk om heel erg oud te worden? Je kunt je afvragen wat er fijn aan is, hoewel we dat meestal iedereen en onszelf toewensen. We gunnen iedereen een lang en gelukkig leven. Eerder schreef ik over regels voor verdriet, die er volgens mij dus niet zijn.

Het lijkt wel of iedereen zo oud mogelijk wil worden

Enkele uitzonderingen daargelaten. We zijn meestal erg verdrietig als er iemand doodgaat van wie we houden. En we leven mee met degenen die een dierbare hebben verloren. Des te jonger iemand is die sterft, des te erger lijkt het toch te zijn. Een jonge vader die veel te vroeg gemist moet worden door zijn vrouw en kinderen. Ouders die hun kinderen verliezen. We vinden het erg als iemand doodgaat en hebben zelf verdriet of leven mee met andermans verdriet.

Vanochtend sprak ik iemand van 91 jaar oud

En ik heb hem niet gevraagd of hij het leuk vindt om heel oud te worden. Maar ik realiseerde me later dus dat het nog maar de vraag is of het fijn is. Nou bedoel ik zeker niet dat we maar moeten hopen dat het leven snel ophoudt. Maar:

Voor wíe is het eigenlijk leuk als we heel oud worden?

Wanneer iemand jong sterft, is het voor de omgeving bijzonder naar. Je moet iemand missen die er nog voor je had kunnen zijn. Voor wie jij er nog had willen zijn. Iemand met wie je nog van alles had willen doen, is er niet meer. Mensen worden weggerukt in de bloei van hun leven. Of zelfs voordat hun leven goed en wel begonnen is. En dat is vreselijk.

Maar waarom zeggen we dan zo vaak dat je moet stoppen op het hoogtepunt?

Je wilt niet aftakelen als topvoetballer.

Of als tennisser nu wedstrijd na wedstrijd verliezen terwijl je vroeger de beste was. Een acteur die eerst wordt gezien als de beste, wordt afgeschreven wanneer er een paar films floppen. Of wanneer hij of zij te oud wordt! En diegene verdwijnt langzaam uit beeld. Er wordt soms zelfs negatief over diegene gepraat. Ze zeggen dan dat je beter kunt stoppen op je hoogtepunt, anders is het zo’n afgang.

Omdat het anders zo sneu is

Ja, we gaan wel met pensioen en dat is vaak niet het hoogtepunt. Maar toch. Stoppen op je hoogtepunt wordt soms als positief gezien als het om grote prestaties gaat.

Ik wil trouwens niet beweren dat acteren en topsport uit grotere prestaties bestaan dan bijvoorbeeld het werk dat een buschauffeur doet, een chirurg, een leerkracht, een postbode, een timmerman of een kassière. Wanneer een dokter zou stoppen op het hoogtepunt in zijn carrière, zou dat behoorlijk jammer zijn.

Het geldt dus niet voor alles.

Maar waarom zeggen we dat? Hoezo mag je niet aftakelen of minder presteren in vergelijking met anderen?

Wat is er zo erg aan doodgaan in de bloei van je leven?

Die meneer van 91 jaar oud was vanochtend zelf een behoorlijk eind naar de supermarkt gelopen. Ik had hem al geruime tijd niet gezien, maar hij wist nog precies wie ik was. En toen ik hem sprak, dacht ik aan die vader van school. Die had de helft van het leven van deze meneer geleefd. De helft van de tijd bedoel ik.

Die meneer van 91 rijdt af en toe met zijn kleindochter op een tandem en geniet daarvan. Maar hij heeft al een behoorlijke tijd geleden zijn vrouw verloren. En het eerste wat hij tegen me zei, was dat hij nu zijn dochter ook moet missen. Die is namelijk ook overleden een tijdje terug.

En hij zei dat dat het ergste is wat je als ouder kan overkomen.

Het alleroudste blaadje.

Als vader of moeder je kind verliezen, is volgens mij de grootste nachtmerrie voor iedereen. In ieder geval wanneer dat kind nog een kind is of een jonge volwassene. Maar je kind verliezen dat als volwassene sterft omdat je zelf 90 wordt, is dus ook heel erg.

Wat is er zo leuk aan heel erg oud worden?

Heel erg oud worden is misschien alleen echt leuk als iedereen heel erg oud wordt.

En dan nog het liefst helder van geest en lichamelijk fit. Wanneer je 110 wordt terwijl iedereen om je heen doodgaat, kan je dan nog wel echt genieten? Wat als je partner er niet meer is, je zus niet, je broer niet, je vriend niet en je buurvrouw niet? En wat als je zelfs je kinderen overleeft?

Het was echt het enige overgebleven blaadje. Het bleef nog dagen alleen in de boom hangen.

Kunnen we dan maar beter vroeg doodgaan?

Ik zeg nee.

Ik overleef liever mijn kinderen dan dat zij mij moeten missen. Ik bedoel dan ook absoluut dat ik hoop zij ook heel erg oud worden, maar ik nóg veel ouder. Ik blijf liever zielsalleen over in een bejaardentehuis, dan dat ik nooit oma word of dat ik mijn kinderen niet kan zien opgroeien. Dus ik wil zeker niet dood in de bloei van mijn leven.

Ik denk dat dat de kracht is van het leven.

Want anders zouden we allemaal onmiddellijk mee willen met degene die overlijdt. Dan zou er niemand overblijven. We gaan door met leven, ook met verdriet en gemis. Hoeveel pijn het ook doet. We willen meestal heel oud worden, ook als dat misschien helemaal niet zo leuk is. En we gunnen iedereen een lang en gelukkig leven. Maar zo gaat het helaas vaak niet.

We hebben het niet voor het uitkiezen

Wie of hoe of wat je ook bent. Iedereen is gelijk en iedereen is hetzelfde. Er is maar één ding dat zeker is in het leven.

We gaan allemaal dood.

Maar ik weet dat ik met iedereen van wie ik hou, ook wanneer ik eerst heel, heel erg oud word, ooit weer echt samen ben.

Pap, ik zie je

&

Verdriet en rouw en waarom er geen regels voor zijn

verdriet en rouw regels

Mijn vader is dood en dat vind ik oneerlijk. Mag dat wel? Wanneer je een bepaalde leeftijd bereikt, ga je je volgens mij vaker afvragen hoe lang je zult leven. In ieder geval doe ik dat zelf. Want mensen om je heen worden ouder en gaan vaker dood. Je wordt zelf ouder en het leven is soms niet meer zo vanzelfsprekend. Als het dat ooit al was. Wat zijn de regels voor rouw en verdriet?

Je leeft. Je gaat dood. En je leeft lang. Of je leeft kort. En wat is dat dan? Lang? Of kort?

Zijn er regels over hoe lang of hoe erg je verdriet mag of hoort te zijn?

Vanochtend keek ik een dvd met daarop mijn vader. Hij was de bassist in een groot koor en bij een optreden in de schouwburg is een opname gemaakt. Mijn dochter pakte vanochtend spontaan die dvd tussen een lading dvd’s uit en vroeg: “Mama, wat is dat? Mag ik dat zien?”

Voordat we naar school gaan, zie ik dus onverwacht mijn papa levensecht voor me. Goede muziek, goed koor, goeie bassist. Hij staat er niet duidelijk op, maar ik kan zijn grijze bolletje duidelijk herkennen. Met een close-up van het combo is hij heel eventjes dichterbij in beeld. De vertrouwde gezichtsuitdrukking en zijn bewegingen, zijn mee mompelen met de zang.

Ik voel me blij en verdrietig tegelijk.

Ik vind het oneerlijk dat ie dood is

Want hij had nog veel ouder kunnen worden. En hij was nog lang niet klaar om dood te gaan. Mijn kinderen waren te klein om hem zich nog te kunnen herinneren. Dus ze kennen hem alleen van foto’s en van mijn verhalen. En nu zien ze hem vaag in beeld. Opa. Maar niet zoals ik hem zie. Voor mij is het plaatje compleet.

Mijn herinnering

Tastbaar kan ik hem horen. Ik zie hem met geluid en gevoel.

Zij niet. Zij zien een onscherp beeld van een hoofd van een meneer met grijs haar achter een hoop andere mensen. Opa. Lieve papa. Ik wil hem knuffelen maar dat gaat niet meer. In vind het niet eerlijk.

En dan krijg ik ’s middags bericht dat iemand onverwacht en plotseling is overleden. De vader van een kind bij mijn kinderen op school.

En ik voel me schuldig

Want wat bof ik eigenlijk. Wat heb ik nou te klagen?

Dat kind is elf of misschien twaalf en zijn vader is zomaar dood. Opeens. Je bent een klein kind en je hebt al geen vader meer.

En ik heb verdriet om mijn vader en wil graag dat hij opa is voor m’n kinderen. Ik wil dat hij bij me komt eten. En dat hij zijn fiets parkeert voor het raam. Ik wil hem opbellen. Hem piano horen spelen. Ik wil dat hij de bassist is in dat koor en niet die andere die kwam omdat hij dood ging.

Eerlijk? Ik vind het oneerlijk dat ie dood is. Overtreed ik nu de regels van rouw en verdriet?

Want wat zeur ik nou?

Ik was zelf al moeder en heb nog afscheid kunnen nemen van mijn vader. Ja, hij is te vroeg dood gegaan. Maar wat is te vroeg? Hij had nog honderd kunnen worden. Zo hoort het, vind ik. Maar er zit nu een kind van elf zonder vader.

Dit kind heeft nu al geen vader meer. Dat is pas oneerlijk

Zomaar, pats. Weg.

Baby’s sterven, kinderen gaan dood en er sterven mensen van zesendertig die kleine kinderen achterlaten. Er zijn mensen die doodgaan als ze 95 zijn. Als je moeder of vader 95 is, jong van geest, voor zichzelf zorgt, lekker in de tuin werkt en dan dood neervalt, mag je dan geen verdriet hebben? Mag je dan minder verdrietig zijn? Is je verdriet groter als je vader doodgaat wanneer je veertien bent, dan wanneer je achtendertig bent?

Zijn er regels voor verdriet en rouw?

Ik weet het niet

De band die je met elkaar hebt, is natuurlijk ook van belang. Tenminste, dat zou je denken. Iemand die je erg lief vindt, daar hou je meer van. En daar heb je dus meer verdriet van. Of niet? Als je weinig of geen contact hebt met iemand, ook al is dat je vader of moeder, is het dan minder erg als die dood gaat?

Ik heb een aantal boeken over rouw gelezen en het staat me bij dat er ook een levensgroot verdriet kan zijn om iemand met wie je het contact had verbroken. Dus je zag je moeder nooit meer, omdat je dat niet wilde, maar nu ze dood is, heb je toch enorm veel verdriet. Omdat je dan zeker weet dat de band nooit meer zal worden zoals je dat graag had gewild.

Verdriet

Om de persoon en het gemis.

Verdriet om hetgeen dat was en wat je nu mist.

Of verdriet om dat wat had kunnen zijn en om wat gemist is.

Allebei.

Wat is het verschil?

Is er wel een verschil?

Kun je oordelen? Ja, dat kan. Waarschijnlijk doet iedereen dat ook wel. Want we oordelen de hele dag door. Het lijkt toch stiekem wel of er regels bestaan voor de duur van je rouw en de ernst van je verdriet. Maar is dat terecht?

Iemand die een kind kwijt raakt en het leven weer op pakt en ook nog blij kan zijn, is dat verdriet dan niet diep? Houdt diegene dan niet van dat kind? Of moet diegene de rest van zijn leven blijven treuren? En iemand die vreselijk veel verdriet heeft om zijn vader, terwijl die stierf op zijn honderdste na een goed leven, is dat dan niet terecht? Stelt die zich aan?

Iemand die na het overlijden van een dierbare na een paar dagen weer aan het werk gaat en nergens last van heeft, is dat raar? Of normaal? En iemand die zich vier jaar na iemands overlijden elke avond in slaap huilt, is dat raar? Of normaal?

Verdriet en rouw zijn niet gebonden aan regels

Gevoel is niet gebonden aan regels. Je voelt wat je voelt. Of niet voelt. En dat mag.

Besef dat hetgeen je iedere dag doet, zomaar voorbij kan zijn. Pats. Weg.

Leef.

&

In de krant actievoeren tegen hondenpoep

Foto uit de krant van een speeltuin vol met hondendrollen en het krantenartikel zelf. bij artikel: Op missie tegen hondenpoep.
In het Noordhollands Dagblad regio Westfriesland
Foto van vervolg krantenartikel 'Op missie tegen hondenpoep', met de kop 'Mag mijn kind in jouw (speel)tuin poepen?' en daarbij de foto van de speeltuin met twintig witte vlaggetjes in twintig drollen, met het spandoek 'Speeltuin-Poep-hindernisbaan'.
Speeltuin Poep- Hindernisbaan

Op missie tegen hondenpoep.

Jij ademt hondenpoep in. Je eet het ongemerkt op. Wist je dat niet? In de krant – het Noordhollands Dagblad – op de voorpagina van de regio staat hoe wij actievoeren tegen hondenpoep! Een uitgebreid Premium artikel, verspreid over twee pagina’s met twee foto’s. De inhoud kun je lezen door op de foto’s in te zoomen of door mijn andere berichten te lezen. Of als je lid bent van het Noordhollands Dagblad.

Het probleem van hondenpoep.

Hoe meer aandacht voor het probleem van hondenpoep, hoe beter. Het ligt overal en zelfs in grote hoeveelheden in speeltuinen en op speelterreinen. Je kan er ernstig ziek van worden. Niet alleen kinderen lopen grote risico’s, maar ook volwassenen.

Hondendrollen zijn gevaarlijk voor de volksgezondheid. Frans van Knapen is hoogleraar veterinaire volksgezondheid. In een artikel in het AD staat het volgende:


Het gaat vooral om de eitjes van spoelwormen. Die blijven overal liggen waar honden poepen. Mensen die deze eitjes binnenkrijgen ontwikkelen allergieën. Van Knapen schat dat ongeveer 100.000 mensen op deze manier allergisch zijn geworden.

En dan hebben we het nog helemaal niet over de schadelijke bacteriën en parasieten en schimmels. Allergieën zijn niet de enige ziektes die je van hondenpoep kunt krijgen. Het kan nog veel erger.

Hondenpoep op speelvelden en in speeltuinen is een groot probleem. Hondenpoep voor de ingang van scholen en op de stoep is natuurlijk ook een probleem. En zelfs van opgedroogde poep in de berm naast het fietspad of op de dijk krijg je eitjes binnen van spoelwormen.

Je ademt die troep zelfs in.

Hondenpoep is overal een gevaar voor je gezondheid en schadelijk voor het milieu.

Dus.

Ga jij actievoeren en zorg jij dat jouw hondenpoep verhaal ook in de krant komt?

Help jij mee teksten tegen lantaarnpalen plakken om mensen bewust te maken van de viezigheid die ze achterlaten?

Heb jij een hond en laat je de poep achter op speelplaatsen? Dan word je vriendelijk verzocht je hond uit te laten op de daarvoor bestemde plaatsen.

Of speel je zelf graag in de poep?

Heb jij een hond en laat je de poep liggen? Dan word je vriendelijk verzocht je hondendrollen op te ruimen. Bij voorbaat dank! Want ook gewoon op de stoep is hartstikke smerig.

Word lid van mijn YouTube kanaal en abonneer om zo samen en landelijk in opstand te komen tegen hondenpoep!

&

Hondenpoep overlast speeltuin actievoeren: 25 teksten

Actievoeren tegen overlast van hondenpoep in speeltuin.
Actievoeren tegen overlast van hondenpoep in speeltuin.

Hou jij ervan om in de poep te spelen? Hier vind je kant en klare teksten en een YouTube kanaal om je stem te laten horen. Mag mijn kind in jouw (speel)tuin poepen? Of heb jij ook last van de hondenpoep voor je deur of op je hardlooprondje? Kinderen spelen letterlijk in de hondenpoep. Vaak en in veel poep. Ik heb het niet over een verdwaald drolletje. Heb jij ook overlast van hondenpoep in de speeltuin of ergens anders en wil je op een makkelijke manier actievoeren?

Op elke vierkante meter ligt een hondendrol op het speelveld voor de school.

En in de speeltuinen in de buurt.

Terwijl honderd meter verderop een losloop gebied is waar de stront mag blijven liggen.

YouTube kanaal.

Jij kunt makkelijk helpen. Met veel abonnees op mijn YouTube kanaal kan ik dit landelijk onder de aandacht brengen. Abonneren is gratis en je hoeft alleen maar op de knop abonneren te drukken. Zie het als je handtekening ergens onder zetten. Het betekent dat je mijn filmpjes steunt.

Om te laten zien hoe raar het is, maak ik ludieke filmpjes over kak.

Wil jij ook dat de overlast van hondenpoep stopt?

In elke gemeente is namelijk een ander beleid met betrekking tot hondenpoep of helemaal geen beleid. En nergens in Nederland is het hondenpoep vrij.

Er is veel hondenpoep overlast op speelterreinen en in de speeltuin en je kunt er iets aan doen. Breng het onder de aandacht. Als niemand iets doet, verandert er ook niets. Bel ook de krant. Het is een belachelijk probleem dat makkelijk is op te lossen.

Ja. Ik oordeel.

Het is normaal dat er hondenpoep in de speeltuin ligt. Maar normaal is het natuurlijk niet.

Ik probeer de andere kant te begrijpen. Maar ik wil wel dat het verandert.

Wanneer iets vaak voorkomt, betekent dat niet automatisch dat het normaal is.

Heb jij ook last van hondendrollen?

Voor je deur? Naast je auto? In je speeltuin? Op je stoep? Op het fietspad? Voor de winkel? Waar dan ook?

Wil je mensen die honden laten poepen op speelterreinen en het ook nog laten liggen daarop wijzen? Help je actievoeren tegen de overlast van hondenpoep in de speeltuin en op de stoep?

Wil je teksten tegen lantaarnpalen plakken om je stem tegen de hondenpoep te laten horen?

Hier spelen kinderen in de poep van jouw hond. Maar dat wist je al. Raar toch.

Hier vind je kant en klare spreuken of inspiratie om actie te voeren tegen de overlast van hondenpoep.

Actievoeren in speeltuinen en speelveldjes.

Mag mijn kind in jouw (speel)tuin poepen?

Mag mijn kind op de speelplek van jouw hond kakken? Ja toch? Eerlijk is eerlijk.

Wilt u poep op uw eigen speelterrein?

Mag mijn kind op uw speelplaats poepen? Ja zeker, want dat doet u ook!

Dit is een speelplek! Mag mijn kind ook op jouw speelplek poepen?

Dit is een speelplaats! Laat u de poep liggen? Bah.

Laat u de poep van uw hond liggen in een speeltuin?

Kinderen spelen hier in de stront van uw hond! Vies hé?!

Dit is een speeltuin. Geen hondentoilet.

Hier spelen kinderen in de hondenpoep.

Poep opruimen.

Vergeten poep op te ruimen? Wij bezorgen het gratis bij u thuis!

Speelt u zelf graag in de kak? Ruim het effe op!

Bent u een viespeuk? Poep opruimen van je hond is netjes!

Poep opruimen van je hond is hoe het hoort! Bent u gestoord?

Hier spelen kinderen in de poep. Ruimt u het voortaan op? Dank u.

ASO

Kind vol stront van jouw hond? Vet ASO

ASO:  A lstublieft S tront O pruimen

Hier spelen kinderen in de poep van je hond. ASO

Laat u de drol van uw hond hier liggen? Nee toch?

Vindt u het leuk dat kinderen in de poep spelen?

Sloopt u dit bord eraf? Dat is meer werk dan uw drol opruimen!

Dit is een voortuin. Geen hondentoilet.

Gezondheidsrisico’s.

Kind vol stront van jouw hond? Ongezond!

Ruimt u de kak even op? Dan blijven de kinderen gezond!

Spoelwormen! Parasieten! Hondenpoep is echt genieten!

Wormen. Parasieten. Buikpijn. En nog erger! Laat u hondenpoep liggen?

Schoen vol, hand vol, jas vol, deur vol, mond vol, alles vol. Buik vol van de stront!

Verantwoordelijkheid.

Kak opruimen op z’n tijd: neem je verantwoordelijkheid!

Wilt u echt dat kinderen in de poep spelen?

Elke dag stront aan de knikker! Doordat u die stront laat liggen? Nee, u niet. Toch?

Kinderen vol gesmeerd! Wat heeft u nou geleerd?

Hier spelen elke dag kinderen in de poep! Bent u zo iemand die het laat liggen?

Bent u verantwoordelijk voor al die poep op dit speelterrein? Speelt u zelf graag in de kak? Nee?! Goh… Ruimt u het dan even op?

Kak aan de bal, schoen, hand, jas, deur, kraan, broek, plein, mat, brood, et cetera. Bent u verantwoordelijk?

Opruimplicht.

Stopt u wel voor rood licht? Poep opruimen is ook verplicht.

Poep opruimen? Het is de wet! Dan heeft een kind hier straks weer pret!

Opruimplicht. U riskeert een boete.

Opruimplicht? Het is de wet. Retteketet!

Normaal?

Bent u normaal? Ja? Dan ruimt u de stront even op!

Poep opruimen van uw hond is normaal! Bent u niet normaal?

Het is normaal om poep van je hond op te ruimen! Doe jij dat?

Hier spelen kinderen in de poep! Van jouw hond? Vet raar.

Mijn kind speelt hier in de kak van jouw hond. Gek toch?

Heb jij nog pakkende rijmpjes of teksten?

Ik hoor ze graag! Kan ik de lantaarnpalen weer vol hangen.

&

Hondenpoep in speeltuinen: overlast van hondendrollen

hondenpoep in speeltuinen
Speeltuin Poep-Hindernisbaan

Mijn dochter kwam thuis uit school met kak aan haar handschoenen. Laatst met de sneeuw leek het zo leuk – sneeuwballen gooien. Hondenpoep in speeltuinen is normaal. Maar we wonen in een van de meest ontwikkelde landen ter wereld. En elke dag zitten er kinderen onder de hondenstront. Moet dat niet gewoon afgelopen zijn?

Help mee actievoeren!

Hondendrollen om in te spelen.

Het was heerlijk klimmen en klauteren – tot mijn kinderen en ik ontdekten dat er overal hondenpoep in de speeltuin lag.

Speeltuinen staan vaak synoniem voor hondentoiletten. Het ergste is dat de meeste mensen die dit doen, zich daarvan bewust zijn en er expres mee doorgaan. Omdat ze vinden dat ze daar het recht toe hebben.

Ziek van de poep.

Hondenpoep zit vol ziekmakers. Kinderen kunnen er groeistoornissen door krijgen. Zowel kinderen als volwassenen kunnen onder andere darmkwalen, astma, huidirritaties, diarree en hoofdpijn krijgen door de bacteriën en spoelwormen en parasieten.  

Twintig vlaggetjes waren snel op.

Er is te weinig aandacht voor het probleem. Daarom heb ik in de speeltuin waar ik zoveel drollen aantrof, een vlaggetje in elke drol geplaatst. De twintig vlaggetjes die ik had meegenomen, waren algauw op en toen was slechts een klein gedeelte van de totale speelgelegenheid bevlagt.

Daarna heb ik samen met mijn kinderen een spandoek ‘Speeltuin Poep-Hindernisbaan’ opgehangen. En de krant gebeld, waar een uitgebreid artikel in verscheen naar aanleiding van mijn verhaal.

Nee geen katten.

In het gras bij de school in de buurt ligt elke dag poep en daar spelen de schoolkinderen iedere dag buiten tijdens de pauzes. Op de verscheidene speelterreinen in de buurt liggen bijna overal hondendrollen.

En nee – het zijn géén kattendrollen. Ik zie de baasjes met hun honden lopen en ik zie dat ze het laten liggen.

Kinderen vol gesmeerd met hondenpoep.

Dagelijks zitten er kinderen vol met hondenpoep. Kinderen merken vaak niet meteen dat ze erin trappen, smeren vervolgens de bal en de glijbaan en het schoolplein vol, trekken hun schoenen uit, proberen hun handen te wassen en besmeuren ondertussen ook de deurklinken en de kraantjes en wasbakken met poep.

En dus iedereen.

Laatst met de sneeuw leek het zo leuk – sneeuwballen gooien. Tot mijn dochter thuis kwam uit school met kak aan haar handschoenen. Benieuwd wie die sneeuwbal in het gezicht heeft gekregen.

Acties gemeente hondenpoep in speeltuinen.

Vorig jaar heb ik een brief naar de gemeenteraad gestuurd vanwege de overlast in de speeltuin die grenst aan mijn achtertuin. Op een dag kwam mijn zoon volledig onder gesmeerd binnen:

Mam, ik dacht opeens wat stinkt het hier.

Schoenen vol. En ook het trapje van de glijbaan, de glijbaan zelf, handen, jas, broek, deurklink, vloer et cetera.

Vervolgens zijn een gemeenteraadslid en een medewerker van de wijk bij mij thuis langs geweest en hebben zij de buurt bekeken. Daarna is er een hondenverbodsbord in het speeltuintje geplaatst, een poepprullenbak bij het winkelcentrum neergezet en er zouden boa’s wat vaker langs de school gaan lopen.

Het helpt allemaal niets.

Er is geen serieus beleid wat betreft hondenpoep. Want hoewel het verplicht is om hondenpoep op te ruimen op andere plekken dan in de losloopgebieden, wordt dit amper gedaan en niet gehandhaafd.

Voorstanders van poep op speelplaatsen klimmen zelfs op stoelen en gaan op pad met scharen en messen om onze poepverbodsbordjes te verwijderen.

Ik heb al vaker actie gevoerd met m’n kinderen door bordjes te maken en op te hangen in de buurt. Bij de school, op het speelveld, in de straten, bij het winkelcentrum en het voetbalveld in het park.

Overal werden de gelamineerde tekeningen en teksten binnen een paar dagen of zelfs binnen een paar uur verwijderd door hondenbezitters, die menen het recht te hebben hun hond overal te laten kakken en hondenpoep te laten liggen in speeltuinen.

Zelfs op plaatsen waar iedere dag kinderen spelen.

Verschillende keren heb ik nieuwe bordjes opgehangen. Om het moeilijker te maken ze weg te halen, heb ik die met een trap hoog aan lantaarnpalen bevestigd met vele lagen tape en ijzerdraad. Zelfs die waren in een mum van tijd verdwenen.

De tape, het ijzerdraad en de geplastificeerde tekeningen verdwenen meestal keurig in de prullenbak.

Is het nou zo moeilijk om dat ook met een drol te doen?

Nederland?

Twintig drollen in een speeltuin is helaas geen uitzondering.

In vele gemeentes is de overlast van hondenpoep vergelijkbaar. Wanneer je op internet kijkt, kom je overal kinderen, ouders en leerkrachten tegen die acties voeren, omdat er hondenpoep op speelpleinen ligt.

Er zijn vele hondenbezitters die de uitwerpselen laten liggen – gewoon – voor iemands voordeur, voor de ingang van een winkel, voor de ingang van een school, op het gras naast een basketbalveld, op een voetbalveld. En dus zelfs in speeltuinen.

Help je mee actievoeren en word je mijn abonnee op YouTube?

&

Contact na de dood is zeker weten mogelijk. Contact na de dood (Deel 1)

contact na de dood

Contact na de dood bestaat. Echt.

Hoe bedoel je?

Nou precies hoe ik het zeg. Letterlijk. Leven na de fysieke dood bestaat. Je ziel of bewustzijn of hoe je het ook wil noemen, houdt niet op te bestaan als je dood bent. Alleen je lichaam sterft. En met die ziel is contact mogelijk. Voor mij is het geen geloof maar een weten.

Ik weet het zeker.

Hoe kun je dat nou zeker weten?

Tekens, signalen, seintjes. Ik heb allerlei dingen meegemaakt sinds mijn vader dood is. Neem van mij aan dat ik dit niet zomaar beweer. 

Ben jij zo’n vaag medium?

Nee.

Ben je een oplichter?

Nee.

Heb je een glazen bol?

Nee. Ook niet.

Mmmmm. Tsja. Ben je wel in orde?

Je bedoelt psychisch? Jahoor. Geen stoornissen of iets dergelijks. Ik heb wel nieuwe ervaringen gekregen nadat mijn vader was dood gegaan. Die ik dus niet meteen kon verklaren, zoals je verstand dat graag wil doen.

Verschijnselen, gebeurtenissen, gevoelens, gewaarwordingen. Toevalligheden die iets te toevallig waren.

Eerlijk: Ik heb weleens getwijfeld aan m’n eigen psychische toestand. Zou ik gek geworden zijn?

Nee. Dat is niet het geval.

Misschien toch hallucinaties?

Ik heb ooit gewerkt met een ervaren psychiater en die vertelde dat een patiënt overal kabouters zag. Gewoon, overal. Overal waar die psychiater helemaal niks zag. En ik  niet. En jij waarschijnlijk niet – tenzij je ervaring hebt met hallucineren. Maar dan had je ook niet díé kabouters gezien.

De ziektebeelden waarbij sprake kan zijn van hallucinaties, zijn niet op mij van toepassing. Je bent trouwens ook niet gek als je hallucineert. Het is een medisch verklaarbaar verschijnsel waarbij je zintuigen iets waarnemen wat er niet werkelijk is.

Zie je wel

Ik geef het toe.

Die omschrijving komt dicht in de buurt komt bij wat ik soms ervaar. Maar ik weet dat het iets totaal anders is. Mensen die hallucineren zitten meestal voor langere tijd in hun eigen werkelijkheid en hebben bijvoorbeeld last van  angsten.

Die momenten waarop ik kleine dingetjes waarneem, zijn verweven in het dagelijks leven. Op de bank voor de tv, tijdens het autorijden, tijdens het aardappel schillen, wanneer ik naar de supermarkt loop.

Er kan ook sprake zijn van hallucinaties na het gebruik van drugs of medicijnen.

Nee. Dat is het ook niet.

Het komt vast door je grote verdriet

Er bestaat een soort psychologische verklaring. Voor het feit dat mensen soms opeens onverklaarbare dingen waarnemen als een geliefde is overleden. En er dus contact na de dood lijkt te zijn.

Het idee van de definitieve dood en het onverdraaglijke besef daarvan worden als oorzaak genoemd. De gedachte dat het leven absoluut eindig zou zijn, kunnen we niet aan en zou ervoor zorgen dat je hersens je iets leukers voorspiegelen.

We geloven dus liever dat het niet ophoudt. Om ons beter te voelen en om nog ergens op te kunnen hopen.

Klinkt aannemelijk. Heb ik voor mogelijk gehouden.

Maar?

Maar.

Ook een aantal jaren later, vandaag of gister bedoel ik, heb ik nog af en toe die ervaringen. Ook nu het verdriet veel minder intens is. Er zijn momenten dat ik opeens voel dat hij bij me is. Dat ik het zeker weet. Op tijden waarop ik met heel andere dingen bezig ben. Wanneer ik er absoluut niet meer bij stil sta dat hij dood is.

Opeens.

Zonder intens verdriet en gemis.

Is het gevoel er.

Dat ie achter me staat.

Dan heb je het vast gedroomd

Ik heb verschillende dingen meegemaakt. Sommige daarvan leken inderdaad op dromen. Vooral de eerste keer dat ik een beleving had, leek het op een droom (Contact na de dood (Deel 3)).

En toch.

Ik wist het na die nacht gewoon. Hij is er nog.

“Papa was bij me. Ik heb het niet gedroomd. Ik weet het zeker.”

Zo stond ik die ochtend in de woonkamer. En met die boodschap ging ik onmiddellijk m’n moeder bellen. En met die boodschap ging ik naar m’n broers.

Geloofden ze je?

Ja en nee. Misschien dachten ze toch wel stiekem dat ik het had gedroomd. Nu weet ik het volgende.

Dromen ben je een paar uur later weer vergeten. Of anders wel de volgende dag. Heel soms kun je een flard van een droom langer onthouden, bijvoorbeeld na een nachtmerrie. Sommige mensen herinneren zich niets van wat ze gedroomd hebben.

Ik droom regelmatig zeer levendig en kan ’s ochtends soms rare dromen navertellen. Alleen ’s middags weet ik er niks meer van.

Er is niets van overgebleven.

Maar?

Maar.

Die dromen van mij die dus géén dromen waren, die zie ik ook een aantal jaren later nog precies voor me. Ik hoor ze. Ik kan me het gevoel en de beelden die ik kreeg nog exact herinneren.

Er is niets van verdwenen.

Je hebt gewoon een grote fantasie

Ja. Dat klopt.

Zo kan ik ook meteen vertellen dat het geen fantasie is. Ik zou graag willen dat ik het zou kúnnen fantaseren namelijk. Dan zou ik het vaker doen.

Toeval?

Sommige gebeurtenissen die niks te maken hadden met een soort zesde-zintuig-gevoelens, en die dus wat mij betreft als echt bewijs telden, werden bestempeld als toeval. Zijn horloge stopte vanzelf en tikte vanzelf door, bleef alleen stilstaan op zeer bijzondere tijdstippen en tenslotte op het tijdstip van overlijden (Contact na de dood (Deel 5)).

Wat is toeval?

“Toevallig is alleen datgene waarvan de bepalende oorzaken door de waarnemer over het hoofd worden gezien.” (cultureel woordenboek).

Voor mij was het geen toeval. Iets kan ook té toevallig zijn.

Dan is het gewoon onzin

Voor mij waren het ervaringen die ik nooit eerder had gehad en die ik niet kon plaatsen. Daarom voelde het raar en spannend om te vertellen. En inderdaad: Ik vond er geen herkenning in bij anderen in mijn nabije omgeving.

Ja, ja, contact na de dood.

Kletskoek?

Voordat ik zaken aanneem en redelijkerwijs voor mogelijk hou, gaat er eerst heel wat aan vooraf. Zeker bij zoiets als dit.

Ik heb me verdiept in alles. Alles wat mijn ervaringen bevestigt en alles wat mijn ervaringen onderuit haalt.

Alles neem ik mee. Dus zowel vóór als tegen.

Dus er is leven na de dood?

Ja.

En contact na de dood is echt mogelijk. Omdat ik een wetenschappelijke opleiding heb afgerond en heus wat weet over testtheorie, onderzoek, validiteit en betrouwbaarheid, theorieën en hypothesen, heb ik zelf ook getwijfeld.

Ik kan me voorstellen dat wanneer je in een aantal volgende delen van Contact na de dood leest wat ik zoal heb meegemaakt, het voor jou misschien vaag geneuzel is. Dat is het in feite ook. Vooral als je zelf niks vergelijkbaars hebt opgemerkt.

Ik geloof je niet hoor

Misschien kun je open staan voor het idee dat er meer is. Ondanks je geloof of je niet-geloven. Misschien zit het wel anders dan je tot nu toe voor mogelijk houdt of gelooft of hoopt.

Je probeert me te overtuigen en dat vind ik irritant

Snap ik helemaal. Misschien heb ik toch je nieuwsgierigheid gewekt.

En als dat helemaal niet nodig is omdat je al overtuigd wás van een leven na de dood, of als je misschien zelf wel onverklaarbare dingen hebt meegemaakt, dan heb ik misschien je geloof of weten bevestigd.

Misschien maak ik je blik ruimer. Misschien kan ik er iets aan toevoegen. Zodat je meer kanten kunt bekijken.

Hoe dan?

Als jij mij een aantal jaren geleden verteld zou hebben dat contact na de dood bestaat, zou ik je wazig hebben aangekeken.

Maar wel geïnteresseerd. Ik hoop dat jij dat ook bent.

Wat heb jij mij te vertellen?

&

Lees verder in:

Leven na de dood bestaat. Dat weet ik zeker. Contact na de dood (Deel 2)

Social Share Buttons and Icons powered by Ultimatelysocial