Gevoelig voor sfeer – wat negatieve sfeer kan doen

gevoelig voor sfeer
Het weerbericht

Ik ben erg gevoelig voor sfeer maar dat wist ik niet. Niet bewust. Ik dacht dat iedereen dat zo had. En wat maak je soms dan een rare dingen mee waar je je vinger niet op kunt leggen. Wanneer je er pas laat achter komt dat je hoogsensitief bent, geeft dat veel inzicht in je leven.

Gevoelig voor sfeer.

Iedereen is in bepaalde mate sfeergevoelig natuurlijk. Maar als je hoogsensitief bent, kun je sfeer meestal veel intenser ervaren dan de meeste mensen. Misschien wel net zo duidelijk als wat je bijvoorbeeld waarneemt met je ogen of oren. Gevoelig zijn voor sfeer is een kenmerk van hoogsensitiviteit.

Sfeer.

Het is zoiets gewoons. Iedereen weet wel wat ermee bedoeld wordt. Op feestjes hangt meestal een fijne sfeer en iedereen kent dat wel, die drukte en vrolijkheid. De sfeer op een begrafenis is uitermate droevig en bedrukt.

Ook films, boeken en muziek hebben hun eigen specifieke sfeer. Je weet zelf meestal wel waar je van houdt of niet.

Maar sfeer is overal aanwezig. Op werkplekken, familiebijeenkomsten, scholen. In winkels, klassen met kinderen, sportgroepen, gezinnen, werkteams. En nog meer.

Gevoelig zijn voor sfeer betekent dat je altijd sfeer aanvoelt.

De meeste mensen zullen de sfeer op een feestje of begrafenis herkennen en aanvoelen. Het is bijvoorbeeld moeilijk om je fijn te voelen op een begrafenis, ook als je degene die is overleden niet goed kent. Je leeft mee met degenen die verdriet hebben en krijgt misschien zelf ook verdriet daardoor.

Maar de meeste mensen zullen in een situatie die niet zo bijzonder is, de sfeer ook niet bijzonder aanvoelen. Iemand die sfeergevoelig is, doet dat wel.

Sfeergevoelig.

Ik had een enorm drukke en stressvolle baan. Het werk was nooit af en ik ging altijd naar huis met zorgen over cliënten in mijn achterhoofd. En met stress over wat een reusachtige stapel werk met zorgelijke toestanden ik had achtergelaten – ook na overuren maken – en waar ik de volgende dag ook helemaal nooit aan toe zou komen.

En toch ging ik met plezier naar mijn werk. Ik voelde me daar goed.

Er was een goede sfeer.

Maar dat had ik op dat moment niet bewust in de gaten.

Tot ik lang met verlof ging en daarna terugkwam.

En zelfs toen kon ik het niet echt plaatsen. Nu wel – met kennis van hetgeen het betekent gevoelig te zijn voor sfeer.

Vooral negatieve sfeer kan voor grote schade zorgen als je je er niet tegen weet te beschermen en al helemaal als je niet doorhebt dat het gebeurt.

Eerst was er een goede sfeer.

Met de eerste kennismaking en binnenkomst en inwerkperiode en daarna een aantal jaren keihard werken, voelde ik me goed. Met de komst van een eerste kind en ongelooflijk veel slaaptekort werd ik minder belastbaar, maar nog steeds voelde ik me fijn op mijn werk.

Er heerste dus een superhoge werkdruk en het werk zelf was allesbehalve rustgevend en makkelijk, maar de sfeer was – zo is mij achteraf duidelijk geworden – prima in orde.

Maar op dat moment nam ik dat aan voor normaal.

Daarna wist ik niet waarin ik was beland.

Ik kwam terug na mijn tweede kind. Waar het de eerste keer na een lange afwezigheid een welkom begin was geweest, kon ik nu niet bevatten waar ik in vredesnaam in was terechtgekomen.

Meteen al de eerste dag overviel mij bij binnenkomst een akelig gevoel.

Het was niet fijn.

Kil, koud, ongezellig en ongemakkelijk.

Wat was er gebeurd?

Er waren wel grote veranderingen geweest, maar dat stond voor mij los van het gevoel dat overheerste.

Het veelvuldig vertrekken van gewaardeerde collega’s was altijd al een inherent gegeven geweest van het stressvolle werk. En altijd kwamen er weer andere nieuwe leuke collega’s voor in de plaats. Of alweer een nieuwe manager – dat was niks nieuws. Werkwijzen zouden worden aangepast, maar het werk op die plaats was op dat moment nog praktisch hetzelfde.

Mijn liefste collega zat niet meer tegenover mij en had een andere baan, maar er waren nog genoeg anderen die ik wel kende en die ook aardig waren.

Waar lag het nou aan?

Eerlijk gezegd vroeg ik me dat ook niet bewust af. Het was gewoon niet fijn. En dat overkomt je. Dat legt een ongelooflijk zwaar en onprettig gevoel op je.

De sfeer was volledig verpest.

Het voelde onveilig, competitief en hard. Er was nog steeds een hoge werkdruk, maar de onprettige druk die er te voelen was, had niets te maken met die werkdruk.

En het leek wel of iedereen het normaal vond.

Geen idee wat me overkwam.

Ik voelde me oprecht anders. Kon niet gewoon mezelf zijn.

Vroeger was het gezellig. Er werd veel gelachen. Leuke collega’s, positieve leidinggevenden en een positief werkklimaat maakten dat er veel werd bereikt.

Nu was het absoluut niet gezellig. Mensen vielen elkaars werk af in het openbaar en er werden hatelijke opmerkingen gemaakt. Er was geen collegialiteit. Een bijzonder onprettige mevrouw had de leiding. Maar zij was het niet alleen.

Het leek wel oorlog.

En dat leek de rest niet te merken. Ze deden er allemaal aan mee.

Het was ieder voor zich in plaats van elkaar helpen. En dat terwijl het geen commercieel bedrijf was, maar een zorginstelling waar iedereen hetzelfde belang had en waar ook geen sprake kon zijn van bonussen of iets dergelijks.

Ook mensen stralen een bepaalde sfeer uit.

Groepsdynamiek is een ingewikkelde materie.

Een bepaalde manier van werken en leidinggeven veroorzaakt een bepaalde sfeer. Bepaalde individuen hebben een kleinere of een grotere invloed op die sfeer. Er kan een onveilige sfeer heersen of een veilige sfeer. Natuurlijk ook nog van alles ertussenin.

Dat speelt erg op scholen bij kinderen en groepen. Maar op werkvloeren bij volwassenen zie je gewoon hetzelfde gebeuren.

Meer zelfinzicht en reflectie?

Je zou verwachten dat de meeste volwassenen meer zelfinzicht hebben en op zijn minst een aangeleerd respect voor de ander. Tot op zekere hoogte. In ieder geval op een werkplek waar iedereen hetzelfde doel heeft en min of meer dezelfde opleiding.

Nou nee.

Ik wil niet alleen de leider de schuld in de schoenen schuiven van die bepaalde sfeer, maar die speelt wel een grote rol. En zelfs volwassenen durven zich niet uit te spreken. Doen er meestal gewoon aan mee.

Want als je niet mee doet, word jij het slachtoffer. Zoiets.

Maar ik ben daar weggegaan. Dat was niet makkelijk.

En wat ik me nog steeds afvraag, is of die anderen er nou echt geen last van hadden – de niet-hoogsensitieve collega’s. En of die manager zelf lekker kon slapen met het dictatoriale regime dat ze uitvoerde, zonder enig oog voor de gevoelens van de mensen die ze moest begeleiden.

Ik zal het nooit weten.

&

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Social Share Buttons and Icons powered by Ultimatelysocial