Spoken in huis – Niet één overleden papa, maar zelfs twee? Contact na de dood (Deel 7)

spoken in huis
Wat is er achter de horizon? Van alles en alles en alles…

Spoken in huis? Dat bestaat niet. Dacht ik. Maar daar had ik me toch lelijk in vergist. Die speciale nacht werd ik boos op mijn partner, omdat er beneden opeens belachelijk harde muziek aanging en aanbleef, terwijl ik probeerde te slapen met twee kleine kinderen. Hij was laat thuis gekomen en hield totaal geen rekening met ons!? Ik rende naar beneden. Maar er was helemaal niemand. De radio stond knoerthard aan en ik zette hem geschrokken uit. Wat was dit nou weer? Na een moment van bezinning keek ik op de klok naar de tijd en de datum. Sinds de dood van mijn vader gebeurden er opmerkelijke dingen met mij, in mijn huis en in zijn oude huis. Maar opeens liet mijn veel eerder overleden schoonvader ook van zich horen. Die had ik daarvoor nog niet opgemerkt. Het leek wel alsof er een soort feestje was in huis aan de overkant bij onze familie, omdat er eindelijk iemand was, die het opviel wanneer ze hun aanwezigheid probeerden duidelijk te maken door te spoken.

Ik vond het niet eng, maar schrok wel.

Alweer.

Dit had ik niet zien aankomen.

De keer dat ik me te pletter schrok van de kastdeuren die openvlogen, had ik ook niet zien aankomen, maar had ik er in ieder geval om gevraagd. Dat was mijn eigen vader die aan het spoken was in zijn eigen huis. Nu lag ik in bed. Doodmoe. Oneindig moe van verdriet, van kleine kinderen die me ’s avonds en nachts wakker hielden en van nog veel meer.

Eindelijk lag ik een beetje weg te dommelen.

Plotseling oorverdovend harde muziek in de woonkamer.

Zulke harde muziek aan zetten terwijl hij weet dat ik zo slecht slaap? En los daarvan is het gewoon idioot, dat doe je niet zo laat, zo hard, we hebben ook nog buren, weet je.

Het is een vreemde gewaarwording als je boos naar beneden rent om je man te gaan uitfoeteren hoe hij dat in vredesnaam kan doen en dan niemand aantreft.

Helemaal niemand.

Niemand die dat kon hebben gedaan.

Niemand thuis behalve ikzelf boven in bed en m’n kindertjes die ook in bed lagen. Dat apparaat heeft geen timer of iets dergelijks en stond gewoon uit toen ik naar boven ging. Een normale radio en cd speler.

Nog nooit heeft dat ding spontaan geluid gegeven – niet vóór die ene keer en ook niet na die ene keer.

Hoe was ie dan aangegaan?

En hoe zo HARD?

Ik had al eerder dingen meegemaakt.

Was dit mijn papa?

Het zou kunnen, want die had al van alles uitgehaald. Maar dit voelde anders. En ik kon dit niet plaatsen.

Nog andere spoken in huis behalve mijn vader?

Ik weet niet meer wat voor muziek het was, het was gewoon zo vreselijk hard dat het onmiddellijk uit moest.

Als vanzelf keek ik op de klok en datum of er iets bijzonders was, om dit gekke gedoe te kunnen verklaren. Ik kon geen aanwijzing vinden van mijn eigen papa.

Ik keek weer op de klok om te zien hoe laat het was. En welke dag was het vandaag?

Toen kreeg ik een voorgevoel. Ik had eerder al gezocht naar het horloge van mijn schoonvader om te kijken of daar – net zoals op het horloge van mijn eigen vader – iets speciaals te zien was. Ja dus – dat een andere keer.

Ik zocht de overlijdensdatum van mijn schoonvader, want die wist ik niet uit mijn hoofd.

Mijn schoonvader is ’s nachts gestorven in zijn eigen bed.

Die daaropvolgende ochtend had ik een afspraak met hem.

De nacht ervoor had ik namelijk met hem op de spoedeisende hulp gezeten omdat hij last had van zijn hart. Hij belde ’s avonds laat op vanuit het ziekenhuis of iemand hem wilde halen, want hij mocht naar huis. Hij was die dag daarheen gebracht en daarna volledig gecontroleerd. Omdat alles in orde was, moest iemand hem komen ophalen.

Omdat zijn zoon de volgende dag vroeg moest werken en ik niet, ben ik uit bed gesprongen en naar hem toe gegaan.

Ik trok vlug een joggingbroek aan, pakte de auto en haastte mij naar het ziekenhuis.

Daar legden de verpleegkundigen uit dat hij niet kon blijven en dat dat ook niet hoefde. Er moest wel het één en ander gecontroleerd worden met zijn medicatie, want wat dat betreft moest hij zich beter aan de voorschriften houden.

Mijn schoonvader was niet zo nauwkeurig met het op tijd innemen van zijn pillen en dat waren er ook nogal een hoop. Hij moest hulp hebben om al die dingen netjes te sorteren op de juiste tijdstippen.

Ik nam hem mee van de spoedeisende hulp en ’s nachts zette ik hem af bij zijn eigen huis.

We maakten samen een afspraak om 10:00 de volgende ochtend, zodat ik hem kon helpen met die lading medicijnen.

Blij dat het meeviel en blij dat ik hem kon helpen, vertrok ik weer naar mijn eigen bed.

We namen afscheid.

’s Ochtends op de afgesproken tijd stond ik voor zijn deur.

Die ochtend was hij dood.

Onze afspraak ging niet door.

Zijn pillen hoefde ik niet meer uit te zoeken.

Ik had hem ’s nachts levend welterusten gezegd.

Het was een definitief afscheid geweest.

Ik was degene die hem voor het laatst in leven gezien had.

Die nacht dat de muziek vanzelf keihard aanging, keek ik op de klok.

Het was rond 24:00 en de ene dag ging over in de volgende.

Dezelfde datum als de nacht waarin mijn schoonvader was gestorven.

Op de klok zag ik eerst dezelfde datum als waarop ik hem ’s avonds laat in het ziekenhuis had opgehaald. Na middernacht had ik hem thuis afgezet. Met de ingang van de nieuwe dag middernacht was het dezelfde datum als waarop hij in zijn bed was gestorven.

Wat is er na de dood?

Van alles en alles en alles… 😉

Seintjes van overleden personen – Mijn speciale liedje. Contact na de dood (Deel 6)

tekens van overleden personen
Papa!
Waar ben je?!

De auto – zijn auto – moest ik aan de kant van de weg zetten. Want ik brulde het uit van verdriet en het was gevaarlijk om nog verder te gaan. Naast mij op de bijrijdersstoel stond een kartonnen doos. Een netjes gevouwen ding met een handvat om een urn te vervoeren. De urn met de lichamelijke restjes van mijn papa erin, die ik net in mijn eentje had opgehaald bij het crematorium. Ja dat zou ik wel even doen hoor, geen probleem. Maar onderweg ging het toch niet zo lekker. Uit onverwachte hoek kwam er steun. In dit geval een liedje dat mij bewust maakte van de seintjes die overleden personen kunnen sturen. Toeval? Het liet mij in ieder geval weer rechtop, stomverbaasd en vol kracht naar huis rijden. Wat mij betreft geen toeval, want het was alweer zo’n ijzersterk verhaal en heus niet één van de vele liedjes waaraan je makkelijk een speciale betekenis kunt hangen.

Je hoort wel eens dat overleden personen seintjes geven met behulp van een liedje.

Dat vind ik dan zo flauw.

Want er zijn zo en zoveel liedjes per dag op de radio, dat er altijd wel eentje tussen zit dat jou dat speciale gevoel geeft.

Ben je verliefd, dan hoor je de hele dag nummers die jouw gevoel bevestigen. Heb je liefdesverdriet, dan kan je er van op aan dat je alleen maar trieste muziek hoort van mensen die verlaten zijn, die jouw hartenpijn versterken. Je gaat er nog harder van huilen.

Je hoort natuurlijk precies wat je wil horen.

Onbewust. Dat wel.

Dus een liedje op de radio dat een speciale betekenis heeft, vind ik niet zo speciaal.

En hoe zou dat dan moeten? Dat mijn vader als onzichtbare zichzelf het licht weet aan te krijgen of de kastdeuren kan opengooien, vind ik nog tot daar aan toe. Als dat seintjes zijn van mijn overleden vader, kan ik dat nog wel bevatten.

Maar hoe moet je dan als ziel tekens via de radio sturen?

Als je overleden bent, maar je energie is er nog, hoe zou je dan seintjes sturen naar iemand via een zendmast?

De dj beïnvloeden? In het radio station waar de dj al lang een planning van de muziek heeft gemaakt, maar waarop iemand net de radio in de auto afstemt?

Gaat wel erg ver. En toch.

En toch is het in mijn geval wel opnieuw een verhaal dat niet verzonnen is, maar gewoon sterk, omdat het waar is.

Het nummer dat mij hartkloppingen bezorgde en in verwarring bracht op een cruciaal moment, kende ik niet eens.

Ik was die dag in de auto van mijn vader gestapt.

Die stond namelijk nog gewoon onder de carport alsof hij er elk moment in zou gaan wegrijden. Zijn huis – mijn ouderlijk huis – en mijn eigen huis zijn maar een paar minuten fietsen van elkaar vandaan. Het gaf een speciaal gevoel dat ik in zijn auto hem – wat er van hem over was – zou gaan ophalen.

De laatste keer dat we naar de specialist in het VU ziekenhuis reden, waarvan we op de heenweg nog niet wisten dat het de laatste keer zou zijn, gingen we ook met zijn auto.

Nog een maand te leven. Misschien.

Hoewel de specialist zei dat hij er meestal geen uitspraak over deed, wilde hij nu wel inschatten dat mijn vader misschien nog een maand te leven had.

Die terugweg was bizar.

Ik leefde in een wereld van verwarring en ongeloof. Hoewel autorijden toen wel ging op de automatische piloot of zo. Mijn vader naast mij met zijn blauwe pannetje om in te kotsen.

We hadden de nacht ervoor samen doorgebracht in het ziekenhuisverblijf.

Die ochtend daarna liep hij met zijn blauwe pannetje in de hand strompelend en leunend op mij naar de dichtstbijzijnde rolstoel.

Ik dacht nog steeds dat hij het zoveelste buikgriepje te pakken had met zijn slechte weerstand. De vorige keer waren de scans namelijk prima en stabiel geweest. Dat zou nu ook wel weer zo zijn.

Nee. Het was mis. Heel erg goed mis.

Dat was de laatste keer dat ik in de auto van mijn vader had gereden.

Met hem.

Binnen twee weken was hij dood.

Zijn auto bleef gewoon staan. Totdat er een plan zou komen. Totdat we eraan toe waren er iets mee te doen.

Wanneer iemand wordt gecremeerd kun je de as, oftewel hetgeen er van het lichaam van je dierbare over is, pas na een maand ophalen. En dat ging ik dus doen.

Effe de as van mijn vader ophalen.

In zijn auto dus. Nu alleen. Ik zou hem ophalen. Op afspraak. Hij zou niet naast me gaan zitten. Ik zou hem meenemen in een potje.

Ik was rustig. Kalm. Wel uiterst verdrietig en met letterlijke pijn in mijn hart, die met vlagen bijna niet te verdragen was.

Elke ochtend vroeg ik me serieus af hoe lang dat nog zou duren.

Die lichamelijke pijn.

Dat onverdraaglijke gevoel alsof mijn hart eruit gescheurd werd.

Zo’n intens en verschrikkelijk verdriet had ik nog nooit gevoeld. Ik was bang dat het nooit zou ophouden.

Dat gaat over, Es.

Dat zei hij toen hij nog net leefde. En ik me zorgen maakte over wanneer hij er niet meer zou zijn. Toen had ik nog geen idee van de pijn die ik zou gaan krijgen.

Verdriet ja. Maar dit verdriet?

Het heeft lang geduurd. Heel erg lang. Jaren. En heel soms heb ik het nog steeds.

Ja pap, het gaat over, maar toch niet helemaal. In elk geval niet bij mij.

Ik vertrok in zijn auto naar het crematorium.

De route naar het crematorium was gek genoeg voor het grootste deel de route die hij elke dag naar zijn werk reed.

Na een half uur was ik er. De laatste keer dat ik hier was geweest, had ik dus voorgoed afscheid moeten nemen van het lichaam van mijn vader.

Ik had hem niet achtergelaten in een kist, zonder precies te weten wat er zou gebeuren.

Hier had ik hem helemaal naar de oven gebracht.

Daar was een soort kleine lopende band, waarop mijn vader in de kist werd neergezet. Er was een meneer, die dit meestal alleen deed, maar waar wij graag bij wilden zijn. Die meneer legde uit dat mijn vader zo meteen daar achter dat luik naar binnen zou gaan.

De crematieoven.

Na een tijdje was het zover.

Het luik ging open en het lopende bandje nam mijn vader mee.

Door de extreme hitte zag je de kist al vlam vatten voordat de deur van de oven weer dicht was.

As.

Dat bleef er van hem over.

Toen ik het kwam ophalen, moest ik even wachten. Na een tijdje kwam een mevrouw met mijn vader in een nette kartonnen doos. Er had ook een dure fles wijn in kunnen zitten. Die doos nam ik mee en dat was dat. Ik heb hem niet in de achterbak gedaan.

Mijn vader heb ik naast mij gezet. Dat was extreem raar.

Ik begon aan de terugweg en werd steeds emotioneler. Opnieuw spookte het door mijn hoofd hoe het toch kon dat je zomaar dood kon gaan en dat je dan voorgoed weg was, behalve een hoopje stof.

Of was er nog meer van hem over?

Als het dan waar zou zijn, dat je ziel verder leefde en dat je er nog was na je dood, waar was mijn papa dan nu?

Was hij er wel, maar zag ik hem niet? Zat hij als een onzichtbare verschijning naast mij op de stoel? Zweefde hij boven de auto? Hield hij zijn intens verdrietige en wanhopige dochter vast om haar te troosten, hoewel zij daar niets van merkte?

Ik wilde weten of hij er nog was. Ik had dringend seintjes nodig van mijn overleden papa!

Papa, waar ben je?

Dat zei ik hardop. Wanhopig. In mezelf. Of tegen hem, als hij er misschien was.

Papa, waar ben je dan?

Als je er nog bent, waar dan?

Hoe dan?!

Stel dat je er nog bent, dan wil ik het weten!

Papa, waar ben je?!

Je bent dood! Overleden, gestorven, heengegaan, jaja blabla, maar waar, wáár ben je dan, geef me dan een teken of zo, ik wil seintjes, tekens van leven!

Dat klote potje naast mij, daar zit jij niet in!

Dat is alleen maar stof.

As.

Het lichaam dat je verlaten hebt.

Waar ben je? Papa, waar ben je?

Overweldigd door pijn en verdriet, kon ik niet meer verder rijden. Het was niet zo dat ik een traantje moest wegpinken. Nee. Ik moest ontzettend huilen en kon onmogelijk veilig door het verkeer. Snel pakte ik een zijweggetje en zette ik de auto aan de kant.

Hardop bleef ik herhalen.

Papa… waar ben je…?!

Papa! Waar ben je?

Vertel me waar je bent, papa!

Waar ben je? Papa, waar ben je?

Papa waar ben je?

In een opwelling zette ik de radio aan.

Omdat ik het gevoel had dat ik gek ging worden of iets dergelijks.

Ik huilde nog steeds.

Maar.

Zodra ik de radio had aangezet, hoorde ik een liedje dat ik nooit eerder had gehoord. Het was in het Frans. Er was onmiddellijk één zin die ik heel goed verstond en die steeds werd herhaald, zoals ik dat ook net had gedaan. Eigenlijk was het zo dat de tekst mij liet verstillen…

Papa, où t’es?

Papa, où t’es?

Dis-moi où es-tu caché?

Où t’es? Papa, où t’es?

Où t’es? Papa, où t’es?

Où t’es? Papa, où t’es?

Où t’es? Papa, où t’es?

Wat hoor ik nou? Hoor ik dat goed?

Bizar. Overrompeld, geschrokken, verbaasd, perplex.

Hoe? Wat? Hoe kan dat?

Met een zwaar behuild gezicht kan ik met een idioot gevoel van verbazing de motor weer starten. Nog steeds vol pijn, maar ook verwonderd blij. Ik rijd naar huis. Naar zijn huis.

Met naast mij mijn vader.

In een kartonnen doos in een urn. En daarin in een plastic zakje.

Of toch gewoon echt naast mij, maar dan onzichtbaar?

Mijn eigen papa die nog steeds bij me is, maar dan zonder zijn lichaam enkel als een ziel? Die mij seintjes geeft van zijn bestaan ook al is hij overleden?

Mijn eigen spook papa die dj’s kan beïnvloeden?

Wat denk jij?

Een andere keer schrok ik me wezenloos, zoals je misschien hebt gelezen in Schrikken van je overleden dierbare – Ik ben er nog! (Deel 5)

Lees verder: Spoken in huis – Niet één overleden papa, maar zelfs twee? (Deel 7)

Hoogsensitief en volwassen. Anders of normaal?

hoogsensitief en volwassen: anders of normaal?
You’re the inspiration

Hoogsensitief en volwassen: ben je dan anders of normaal? Wanneer je er pas achter komt dat je hoogsensitief bent als je al lang volwassen bent, kan dat fijn zijn, maar ook moeilijk. De kans is groot dat je al vele uitdagingen het hoofd hebt moeten bieden. Je weet dat je normaal bent en toch snapte je waarschijnlijk vaak niet waarom jij je nou zo anders voelde dan de meerderheid. Het feit dat je hoogsensitief bent, is geen excuus om overal last van te hebben. Het is ook geen ding om verheven over te doen. Maar het is wel belangrijk te beseffen hoe het bij jou werkt, want je eigenschap kan dus behoorlijk lastig zijn als je niet weet dat je het bent. Vooral in onze huidige maatschappij. Voor mij viel alles op zijn plaats toen ik eindelijk werd bevestigd in mijn vermoeden hoogsensitief te zijn. Er ging een nieuwe wereld voor me open, terwijl ik allang in die wereld leefde. Maar nu zag ik het door een andere bril. En ik zag het niet alleen anders, ik hoorde en dacht en voelde het ook anders. Ik begreep het eindelijk.

Aangepast.

Als je pas als volwassene ontdekt dat je hoogsensitief bent, is de kans groot dat je je al je leven lang onbewust aanpast aan de verwachtingen en wensen van de mensen om je heen. Je hebt nooit goed geleerd om je grenzen aan te geven of zelfs je grenzen te voelen.

Je hebt je aangepast.

Door je gevoeligheid heb je een aantal prachtige karaktereigenschappen, maar in onze maatschappij kunnen die naar voren komen als een zwakte. Zeker wanneer je je niet bewust was – of bent – van je hoogsensitiviteit.

Veel volwassen personen van deze generatie die hoogsensitief blijken, hebben zich vroeger vaak anders gevoeld, hoewel ze toch wisten dat ze normaal waren.

Raar.

Ik voelde me vaak een beetje raar. Ik wist wel dat ik normaal was en dat er niet echt iets anders was aan mij, maar toch voelde het vaak zo. Begreep bijvoorbeeld niet waarom de meeste anderen over zoveel dingen zo makkelijk konden doen.

Zo makkelijk.

Zonder nadenken.

Emotieloos.

Egoïstisch.

Simpel.

Want voor mij was het vaak niet simpel. En dat is het nog steeds niet.

Doe niet zo moeilijk.

Waar de meeste anderen makkelijk over doen, daar doe ik moeilijk over. Tenminste, dat gevoel krijg ik vaak en dat wordt ook vaak zo verwoord door anderen. Ik denk diep na over vele dingen – dingen waar de meeste anderen totaal aan voorbij gaan.

Ik zie alles altijd van alle kanten en op alle mogelijke manieren.

Wanneer ik over gebeurtenissen, ideeën of keuzes nadenk, voel ik ook meteen alle bijbehorende emoties en mogelijke uitkomsten, van mezelf maar ook van de betrokken anderen. Ik ben er intens emotioneel bij betrokken.

Moeilijk?

Voor mij is dat normaal.

En heel handig in vele situaties. Maar voor anderen duurt het bijvoorbeeld te lang voordat ik antwoord kan geven op een vraag. Dan ben ik nog aan het nadenken. Of mijn antwoord of uitleg is te lang. Of ik ga te lang door.

Hoezo, je kunt toch gewoon ja of nee zeggen? Je kunt toch gewoon antwoord geven op de vraag?

Nee dus.

Want ik houd ook rekening met de gevoelens van anderen, wanneer ik bijvoorbeeld een keuze moet maken. Of wanneer ik ergens iets van vind en ga zo maar door.

Of ik kom met een lading ongevraagd advies waar mensen zich ongemakkelijk bij voelen. Ik leef mij dan zo in de betreffende situatie in – en helemaal als het iets is dat mij aan het hart gaat – dat ik vele goede raad en ideeën laat horen, waar een ander niet om gevraagd heeft. Maar ik voel mijn eigen emoties en die van de ander en probeer te helpen.

Het is toch al lang al klaar?

Waar een ander al lang over de situatie en de bijbehorende emoties is heen gestapt en zich erbij heeft neergelegd, denk ik er nog steeds over na, hoe dat nou toch zo kon gaan, waarom het niet anders is aangepakt, wat je alsnog zou kunnen doen, hoe het in de toekomst mogelijk op een andere manier kan worden gedaan, wat ik zou kunnen doen en ga zo maar door.

Ik voel mij uitermate verantwoordelijk en heb een groot rechtvaardigheidsgevoel. Wat betreft mezelf maar ook met betrekking tot anderen.

Ik kan ook enorm doordraven, zeggen ze dan. Zo belangrijk is het toch niet? Dat heb je al gezegd, ja. Al een paar keer. Zelfs al honderd keer.

Hou nou maar op.

Dat moeten ze toch gewoon zelf weten.

Laat het gewoon.

Nee.

Gaat niet.

Hoezo begrijpen ze dat niet?

Veel hoogsensitieve volwassenen voelden zich als kind vaak onbegrepen. Maar wanneer je er als normaal volwassen mens nog niet achter bent dat je hoogsensitief bent, kun je je nog steeds een beetje anders voelen dan de overgrote meerderheid.

Karaktereigenschap.

Hoogsensitiviteit is geen stoornis. Het is ook niet erg bijzonder, want het komt vaak voor. Maar als je je er niet bewust van bent, merk je toch dat je niet functioneert zoals de meerderheid. En dat wordt vaak wel zo geprobeerd of verwacht, omdat het een eigenschap is die niet zichtbaar is, maar die wel voortdurend de manier beïnvloedt van hoe jij je omgeving ervaart.

Hoogsensitiviteit is een karaktereigenschap. Je wordt ermee geboren. Net zoals de één geboren wordt met veel aanleg voor sport, wordt de ander geboren met een fijngevoelig zenuwstelsel.

Fijngevoelig zenuwstelsel.

Met zo’n fijngevoelig zenuwstelsel maken alle prikkels uit de omgeving een diepere indruk dan bij niet hoogsensitieve personen. Hoogsensitieve mensen hebben ook meer tijd en rust nodig om deze te verwerken.

Ze denken er ook langer over na. Ze hebben bijvoorbeeld meer tijd nodig om zaken af te wegen en beslissingen te nemen. Daarbij speelt hun gevoel een uiterst belangrijke rol. Alles wordt intenser gevoeld en ervaren. Tenslotte is ook de hersteltijd langer.

Geen excuus of verbijzondering.

Iedereen heeft andere kwaliteiten en talenten en iedereen is anders.

Het feit dat je hoogsensitief bent, is geen excuus om overal last van te hebben. Het is ook geen ding om verheven over te doen. Maar het is wel belangrijk te beseffen hoe het bij jou werkt, want je eigenschap kan dus behoorlijk lastig zijn als je niet weet dat je het bent. Vooral in onze huidige maatschappij.

Zichtbare of onzichtbare aangeboren eigenschap.

Wanneer je aangeboren eigenschap is dat je linkshandig bent, ga je ook niet proberen rechts te schrijven. Wanneer je dat wel doet, lukt dat niet goed. Ga je enorm je best doen om rechts te schrijven, zal het uiteindelijk redelijk lukken, maar niet van hetzelfde niveau als met je voorkeurshand. Dat geldt ook voor de linkshandige kinderen die vroeger gedwongen werden om rechts te schrijven.

Links of rechts?

In de huidige maatschappij kan het voor hoogsensitieve personen een beetje zijn alsof ze proberen links te schrijven terwijl ze rechtshandig zijn. Ze passen zich aan omdat ze niet beter weten of omdat ze dat zo gewend zijn.

Als je niet weet dat je hoogsensitief bent, kan je je dus afvragen hoe het komt dat jij moeite hebt met dingen waarmee de meeste anderen geen moeite hebben, ook al ben je volwassen en normaal en niet zozeer opvallend anders.

Of je houdt het lange tijd vol te functioneren en bent op de top van je presteren op je werk, maar moet op den duur concluderen dat jij het niet meer vol kan houden. De nooit pauze mentaliteit, de werkdruk, het lawaai van collega’s, de muziek op de achtergrond, de rotzooi om je heen, het geroddel, de emoties die je eraan overhoudt, de gesprekken die in je hoofd blijven doorgaan, et cetera.

Eigen grenzen.

Jij ligt echt altijd de hele nacht wakker na een avondje stappen of een feestje, terwijl je mede feestgangers als een blok liggen te slapen. Dat soort dingen kan je lang volhouden, maar het is fijner als je weet hoe je binnen je eigen grenzen kunt blijven.

Je houdt namelijk hartstikke van een feestje en je bent echt goed in het werk dat je doet. Juist omdat je je goed kunt inleven in anderen, juist omdat je perfectionistisch bent ingesteld en een doorzetter bent, lever jij kwaliteit op je werk. Je bent met iedereen begaan, ziet het grote doel voor je, belicht problemen van meerdere kanten.

Last of kwaliteit?

Hoogsensitiviteit kan als een last of kwaliteit ervaren worden, afhankelijk van de manier hoe ermee wordt omgegaan. Dat hangt ook weer af van hoe ermee werd omgegaan door ouders, leerkrachten en jezelf. En het hangt natuurlijk ook af van de rest van de mensen die deel uitmaken of uitmaakten van je omgeving.

Tegenwoordig is er steeds meer bekend over hoogsensitiviteit en wordt het eerder opgemerkt.

Tegelijkertijd is er nog enorm veel onbegrip. Vooral wanneer het kinderen betreft die overprikkeld of zelfs langdurig overbelast zijn. Er zijn veel volwassen personen die vinden dat een kind erg anders is dan de rest of dus niet normaal, terwijl het alleen maar hoogsensitief is en niet goed begrepen en begeleid wordt, waardoor het lastig gedrag laat zien.

Je moet maar gewoon meedoen. Als je dat niet doet – of niet meer doet of kunt doen – ben je zwak of overbelastingsgevoelig of stel je je aan. Of je hebt juist een stoornis.

Want wat is normaal?

De maatschappelijke eisen op werk, school en thuis liggen tegenwoordig hoog.

Iedereen moet presteren, werken, zowel kinderen opvoeden als werken, sporten, vrienden hebben, op sociale media actief zijn, altijd bereikbaar zijn zowel voor werk als privé, mediteren, er goed uitzien, gezond eten, wat nog meer?

Kinderen moeten ook gewoon meedoen.

Vele kinderen op de basisschool lopen al rond met mobieltjes en plaatsen filmpjes op sociale media en gaan ’s nachts kijken of ze nog berichten hebben.

Veel hoogsensitieve kinderen kunnen de eisen op school, de drukte in de klassen, de continu roosters, de vele wisselingen van leerkrachten, de stress op kinderdagverblijven en naschoolse opvang en drukte thuis en op sport ook niet bijbenen. Problemen thuis en op school versterken elkaar en al helemaal als er te weinig begrip is.

Wanneer een kind hoogsensitief is en dat wordt niet erkend of herkend, is er te weinig kennis aanwezig om een kind te ondersteunen. Dus heeft je hoogsensitieve kind een last of een kracht?

Het is geen aandoening, maar inzicht is fijn. Voor iedereen.

Hoogsensitiviteit is geen diagnose. Geen stoornis.

Je bent normaal, want je bent alleen maar hoogsensitief, of je nou volwassen bent of een kind.

Het is wel fijn om inzicht te hebben in wat het in de dagelijkse praktijk inhoudt om hooggevoelig te zijn. Het is daarom toch wel handig om het een naam te geven.

Door de eigenschap te herkennen en wanneer je zelf hoogsensitief bent – misschien eindelijk – te begrijpen wat het inhoudt, zal je jezelf beter begrijpen. Daardoor ben je vanzelf in staat beter voor jezelf te zorgen.

Of je bent zelf niet hoogsensitief, maar kunt iemand anders een beetje beter begrijpen.

Intens.

Omdat hoogsensitieve personen alle zintuiglijke prikkels dus intenser ervaren, diepgaander voelen, er langer en uitgebreider over nadenken en ook langer de tijd nodig hebben om alles te verwerken, kan dat soms lastig zijn.

Maar dat intens ervaren en verwerken gebeurt ook in positieve zin.

En dat is nou juist precies hetgeen zo mooi is aan hoogsensitiviteit.

Genieten.

Omdat je alle prikkels intenser ervaart, beleef je ook de leuke en mooie en geweldige dingen intenser. En die hebben ook langer de tijd nodig om verwerkt te worden.

Vroeger.

Vroeger waren school, verjaardagen, partijtjes, familievisites, feestjes, zwemles, schoolkampen, familiedagjes en sportclubs waarschijnlijk lastig voor je. Dat kan zijn op de basisschool, maar ook op de middelbare school, of allebei.

Uitgaan? Examenfeestjes? Een volle schoolkantine?

Ook wanneer je als beginnend volwassene verder ging studeren of werken, kon dat worden ervaren als bedreigend en eng. Of wel leuk maar gewoon vermoeiend.

Gesloopt.

Studentenvereniging? Een kamer vol nieuwe collega’s? Een vrijdagmiddagborrel? Reünie?

Ook wanneer je al lang volwassen bent, kunnen dat soort situaties een gevoel van onbehagen bij je oproepen. Of je vindt het wel gezellig, maar voelt je achteraf totaal gesloopt.

Ware emoties.

Al die situaties die vroeger dikwijls als bedreigend werden ervaren, maakten dat je je vaak angstig, ongemakkelijk, onzeker en beschaamd voelde.

Verlegen, bang.

Tegelijkertijd had je geleerd je ware emoties niet te tonen, waardoor je je soms eenzaam en alleen voelde.

Je kon niet vertrouwen op je gevoel.

Negatieve conclusie.

Het gevolg was dat je onbewust een negatieve conclusie over jezelf trok.

Ik ben zwak, ik ben raar, ik voldoe niet, ik hoor er niet bij. Met alle gevolgen van dien. Je voelde of voelt je niet gezien en begrepen, onrustig, oververmoeid, gespannen.

Nu je al volwassen bent, weet je dat je normaal doet en bent, je hebt intelligent werk en bent een heel gewoon mens, maar toch voel je je dan anders of zo, als je hoogsensitief bent en vooral als je dat niet weet.

Je hebt meestal geleerd je rustig te houden en observerend, afwachtend, op de achtergrond, je aan te passen aan anderen. Maar je innerlijk leven is groots. Je bent gedreven en passioneel, maar dat zien ze vaak niet aan je. Wanneer je wel van je laat horen, lijken de meesten niet te begrijpen wat je precies bedoelt en waar je je zo druk om maakt.

Grenzen en bij jezelf blijven.

Je vindt het vaak moeilijk om je grenzen aan te geven, of je weet niet goed waar je grenzen liggen. Omdat je vaak gewend bent je vooral naar anderen te voegen en aan de eisen te voldoen die algemeen gelden.

Je geeft vaak je energie weg aan anderen en vindt het moeilijk om bij jezelf te blijven.

Dit maakt dat je vatbaarder bent om overspannen te raken of zelfs burn-out. Wanneer je zo vaak over je grenzen gaat dat je echt een burn-out krijgt, dan zorgt dat voor nog meer onbegrip vanuit je omgeving, wat het nog lastiger maakt als hoogsensitief persoon.

Je neemt vaak onbewust gevoelens van anderen over, en leeft zo intens mee met de ander, dat je anderen wil helpen en jezelf te weinig helpt.

Dat alles gebeurt zonder dat je het in de gaten hebt.

Zwakte.

Onze westerse maatschappij ziet gevoelig zijn vaak als een zwakte, waardoor anderen je misschien wel eens bestempelen als iemand die te veel piekert, die zich te veel zorgen maakt. Ze vinden dat je zwaar op de hand bent, of overgevoelig of aanstellerig.

Je maakt je te druk.

Vaak ben je snel moe, je bent iemand met weinig energie en je bent stressgevoelig. Je kunt weinig hebben en vaak zien ze je als verlegen. Te serieus. Niet zo sociaal misschien.

Maar als iemand jou echt kent, blijkt het tegenovergestelde waar.

Positiviteit.

Wanneer jij jezelf zou omschrijven, kun je jezelf herkennen in het diep nadenken en voelen met betrekking tot zaken die ertoe doen.

Je bent bedachtzaam, creatief, empathisch en je zoekt naar zingeving, naar diepgang. Je bent begaan met anderen en behulpzaam. Jij gebruikt je hersens maar ook je gevoel. Je bent iemand die originele ideeën en oplossingen heeft. Jij zoekt naar vrijheid en hebt geregeld rust en tijd voor jezelf nodig.

Waar anderen overal aan voorbij gaan en alleen bij de feiten blijven, herken jij je in het gewoon weten en voelen wat nodig is of wat iemand nodig heeft. Je bent nauwkeurig en hebt oog voor detail en nuances, zowel wat betreft feiten als wat mensen onbewust uitstralen.

Valkuilen.

Je hebt dus prachtige eigenschappen. Maar wanneer je niet goed genoeg voor jezelf zorgt, kun je een aantal valkuilen herkennen.

Dan ben je iemand die gestuurd wordt door perfectionisme. Je hebt (te) weinig zelfvertrouwen. En je kunt jezelf verliezen in besluiteloosheid en in keuzestress. Je hebt moeite om bij jezelf te blijven en hebt daardoor sneller last van lange werkdagen, stress en een drukke werkomgeving. Ook wanneer je thuis te weinig aan je rust toekomt, heeft dat direct effect op jouw gemoedstoestand.

Sensitiviteit waarderen en ontwikkelen.

Wanneer jij als volwassen mens jezelf en je hoogsensitiviteit normaal leert te waarderen en ontwikkelen, als je dat nog niet had gedaan, omdat je niet wist dat je hoogsensitief bent en de negatieve aspecten ervan vaak meer op de voorgrond stonden, dan gaat er een wereld voor je open.

Er gaat een wereld voor je open.

Schrikken van je overleden dierbare – Ik ben er nog! Contact na de dood (Deel 5)

schrikken van overleden dierbare
Spookt het of spookt het niet?

Ik schrok me wezenloos. En ik had er nog om gevraagd ook. Eigen schuld, dikke bult. In het leegstaande en muisstille huis van mijn overleden vader, waar ik de boel in mijn eentje aan het opruimen was, vlogen naast mij de grote kastdeuren open met een hard gepiep en gekraak. Je zou kunnen zeggen dat het spookte, zoals dat vaak wordt verwoord. Mijn hart klopte zowat uit mijn borst en omdat het één van de eerste tekens van leven was die ik kreeg, was ik ook behoorlijk van slag. Het is enorm schrikken als je overleden dierbare je op verzoek direct de stuipen op het lijf jaagt, dat kan ik je vertellen.

Jouw overleden dierbare die seintjes geeft als teken van leven?

De vraag of dat kon, hield me destijds erg bezig. Ik was er nog niet helemaal zeker van, maar had tegelijkertijd ook al wat dingen meegemaakt waar ik niet omheen kon. Niet met verstand en ook niet met gevoel. Een bijzondere droom die geen droom was. Contact na de dood (Deel 3).

Ik was met mijn nuchtere verstand naar een medium gegaan. Over die ervaring ga ik in een ander bericht meer vertellen, maar nu gaat het om één ding dat die persoon tegen mij zei.

Een medium – dat is toch vette onzin?

Ik wil wel even toelichten dat ik niet gewoon naar een medium ga en dat dit ook compleet nieuw was voor mij. Ik kan me voorstellen dat je een medium niet serieus neemt en als oplichter ziet. Met die instelling ben ik daar ook heen gegaan.

Ervan uitgaande dat je met je eigen verhaal en gedrag en grote verdriet en hoop op enige vorm van contact, iemand alle informatie geeft die hij of zij nodig heeft. Om jou een nep ervaring te bezorgen die je in feite zelf hebt weggegeven.

Nee, daar zou ik niet intrappen.

Heb ik ook niet gedaan.

Ik heb iemand gezocht die duidelijk kon uitleggen wat dat dan betekent, een soort communiceren met de spirituele wereld. Een medium is als een soort tolk tussen jou en een overleden persoon. Een andere frequentie waarop diegene als het ware de antenne goed richt, maar welk signaal jij niet goed genoeg kunt opvangen met jouw antenne.

Nuchter en achterdochtig ben ik naar die mevrouw toe gegaan. En om oplichterij tegen te gaan, heb ik helemaal niets over mijzelf of de situatie verteld. Ook niet verteld voor wie ik kwam, of die persoon een man of een vrouw was, helemaal niets. Ze wist geen telefoonnummer en ook geen achternaam.

Niets.

Ik heb daar in eerste instantie volledig mijn mond gehouden en viel achterover van verbazing over wat zij mij direct al kon vertellen zodra ik binnen was, zonder enig raden en gissen naar de juiste weg.

Maar dat een andere keer.

Ik wilde erg graag contact met mijn vader.

Na de verbazingwekkende ervaring dat het wel eens echt zo zou kunnen zijn, dat je – iemand – contact kon hebben met een overledene, vertelde ik dat medium wel een paar dingen. Omdat ze al meteen zoveel bewijs had geleverd, zonder dat ik een woord had gezegd of zelfs met mijn ogen had geknipperd.

Ik vertelde haar dat ik erg twijfelde aan het bestaan van een leven na de dood. Dat ik soms dacht dat ik een teken kreeg, maar dat ik dan dacht dat ik dat zelf had verzonnen bijvoorbeeld. Of dat ik het mij verbeeldde. Maar dat ik erg graag contact wilde met mijn vader.

Hij wil je niet laten schrikken.

Dat is wat ze zei.

Het bestaan van geesten vond ik eerst een eng idee.

Ik moet toegeven dat ik vroeger het rondspoken van geesten een nogal enge gedachte vond. Glaasje draaien, geesten oproepen, het bestaan van doden om je heen, vond ik behoorlijk griezelig.

Maar met het overlijden van mijn vader en het besef dat hij dan een geest zou zijn, die ik dan zo eng vond, verdween dat enge gevoel onmiddellijk. Want als mijn papa nu als een soort onzichtbare zichzelf zou rondzweven om mij heen, zou ik dat juist fijn vinden.

Het idee dat zo een enge geest niet meer en niet minder was dan mijn eigen vader, alleen nu zonder lichaam, vond ik juist prettig.

Het idee van mijn dode vader als geest was juist geruststellend.

Maar wat had ik eraan als ik het niet zou merken dat hij er nog was? Wat nou als hij daar voor me zweefde of zo en ik had het niet door? Ik zou heus niet schrikken van mijn dierbare paps die dan wel overleden was, maar van wie ik zo graag een teken van leven wilde. Of meer tekens!

Als het echt zo was, als hij er echt nog was, ergens, terwijl ik hem nergens zag, dan zou ik het toch willen weten!

Papa, doe dan wat!

Hij wilde me niet laten schrikken.

Dat had ze me uitgelegd. Dat had hij haar verteld.

Direct na dat consult ben ik naar het huis gegaan van mijn vader. Dat was nog precies zoals het was achtergelaten voordat hij dood ging. Bewoond en toch ook niet. Het was mijn ouderlijk huis waar hij nog alleen woonde en waar ik altijd al regelmatig langskwam, maar de laatste tijd meerdere keren per week. Om te helpen en te kijken hoe het ging.

Nu kwam ik daar elke dag wel even, om verdriet te hebben en in alle stilte het besef te laten doordringen, dat hij echt maar dan ook echt dood was. Om langzaam, beetje bij beetje dingen op te gaan ruimen. Om te snuffelen in alle spullen die zo vertrouwd waren.

Ik stond aan zijn eettafel.

De grote tafel die nu vol met spullen lag, alsof hij zo thuis zou komen en daar zou gaan zitten. Werken aan opdrachten, muziek en school, de krant lezen of een beetje zitten suffen. Zijn muziekpapieren, lesvoorbereidingen, boeken en tijdschriften die hij nog wilde lezen, verzamelingen artikelen uit de krant voor lessen op school, kaarten, noem maar op. Driekwart van de tafel lag altijd gevuld met stapeltjes.

Hoe moest ik daar nou aan beginnen? Ik was ook nog niet klaar om eraan te beginnen. Maar waar ik wel klaar voor was, was een teken. Ik praatte tegen mijn vader alsof hij ergens in de kamer was.

Pap, als je er echt, echt nog bent, wil ik dat zeker weten.

Laat je zien of weet ik veel wat. Ze zegt dat je me niet wil laten schrikken, maar ik wil gewoon merken dat je er nog bent! Ik schrik liever dan dat ik niks van je hoor!

Laat me maar schrikken!

Precies op het moment dat ik dat hardop zei, vlogen de kastdeuren met een vaart en veel lawaai open.

Een knal en hard gepiep en gekraak van de scharnieren.

Schrikken van je overleden dierbare?

Hoezo?

Ik vroeg er toch zelf om? Jemig ik dacht dat ik niet meer bijkwam van schrik. Ik keek met ontzag naar de grote antieke houten kast een meter of twee naast mij. De kast die dicht zat met een sleutel en waarvan de deuren nu wagenwijd open stonden.

Niemand in de kamer behalve ikzelf.

Of toch mijn vader? Die hartstikke dood en toch als een onzichtbare energie, als een soort krachtveld, zijn best had gedaan om de kast open te gooien? Zodat ik zou schrikken van hem, mijn dierbare maar overleden vader? Zoals ik had gevraagd, als bewijs van zijn aanwezigheid en voortbestaan?

Spoken bestaan?

Sommige mensen die ik dit soort dingen vertel, worden er bang van. Die vinden het eng. Spookachtig. Griezelig. Alsof de enge films op televisie werkelijkheid worden.

Maar spoken bestaan niet.

De ziel van een mens, die ziel van jezelf, is toch geen spook?

Ik werd er reuze blij van. Op dat moment was ik er nog niet helemaal van overtuigd, maar ik ben in al die spookachtige of liever gezegd onverklaarbare en tegelijkertijd verklaarbare gebeurtenissen de volgorde ervan kwijtgeraakt. Dit voorval met de deuren was in ieder geval wel eerder dan het ongelooflijke verhaal over zijn horloge.

Ik schrok me een ongeluk maar het was wel de enige keer dat ik ergens zo erg van schrok en erna moest lachen.

Dankjewel pap.

Lees je ook: Seintjes van overleden personen – Mijn speciale liedje. Contact na de dood (Deel 6)

Burn-out herstel: 20 tips uit eigen ervaring en kennis. Om te herstellen, maar niet meer de oude te worden

burn-out herstel 20 tips
Jezelf maar toch anders

Burn-out herstel tips nodig? Laat je niet wijsmaken dat je binnen een paar weken hersteld kunt zijn. Besef dat je nooit meer de oude moet worden, omdat het nodig is dat je verandert. Je hebt een echte burn-out omdat je al jarenlang structureel over je eigen grenzen gaat. Vele tips van de bedrijfsarts en mensen die je er zo snel mogelijk weer bovenop willen hebben, werken averechts. Wanneer je een beetje overspannen bent, kun je gauw opknappen. Maar heb je een serieuze burn-out en wil je goede tips en adviezen voor een herstel dat blijvend is? Lees dan verder – als dat al lukt – en lees dit anders over een tijdje wanneer dat weer gaat. Want met echt herstel word je een andere en vooral lievere versie van jezelf voor jezelf.

Jij bent gewend structureel alle lichamelijke en geestelijke stressklachten te negeren.

Zie jij je gedrag als normaal omdat je dat altijd zo doet en zo gewend bent? Herstel van je burn-out heeft gewoon tijd nodig. Het is namelijk geen kwestie van eventjes rustig aan doen.

Je hebt je lichaam al zolang zo ernstig uitgeput dat een beetje extra slaap niet meer helpt. Misschien slaap je al weken dag in dag uit en ’s nachts en ben je nog steeds oneindig moe. Misschien kun je helemaal niet meer slapen omdat je lichaam puur teert op de adrenaline.

Het is nodig dat jij je hele manier van voor jezelf zorgen verandert. Onderstaande burn-out herstel tips zijn voor jouw structurele verandering.

Wat is dat? Voor jezelf zorgen? Dat heb je nooit gedaan.

Je hebt je reserves keer op keer uitgeput en opgemaakt zodat je lichaam in leven blijft op stress hormonen.

En tegelijk ben je zo verschrikkelijk oneindig moe dat het woord moe de lading helemaal niet meer dekt.

Je bent niet moe, maar je kunt alleen nog maar slapen.

Alle controle over je lichaam en/of geest ben je kwijt.

Het lukt niet. Het gaat niet.

Of je voelt je zo oneindig moe en staat op het punt compleet gek te worden, want je kunt niet meer slapen.

Als je echt moe bent, val je vanzelf in slaap. Je bent gewoon niet moe genoeg…

Je wil wel, maar het gaat niet. Echt niet.

En niemand begrijpt het.

Ik kan ook weleens m’n bed niet uit…

Hoe leg je uit wat een burn-out is en wat als de mensen in je omgeving het niet begrijpen? Want dat doen ze niet. Ze geven al of niet goedbedoeld opmerkingen die kwetsen.

Als jij het maar begrijpt, want dan kan het herstel van je burn-out beginnen.

Ik geef je mijn tips en bewustwording en wie weet kom jij ook langzaam tot de veranderingen in je leven die jij nodig hebt. Sommige tips kan je misschien nog niet begrijpen of uitvoeren, want het gaat om veranderingen die waarschijnlijk nieuw voor je zijn, of die je nog niet kan voelen, dus geef het de tijd.

0. Ga slapen of ga liggen.

In het begin kan je helemaal niets. Probeer dan ook niets te doen. Dat is het lastigste voor iemand die gewend is altijd over de eigen grenzen te gaan. Ga slapen. En kan je niet slapen, ga dan liggen. Ook overdag. Als je ’s nachts niet kunt slapen, ga dan midden op de dag in ieder geval anderhalf uur liggen of slapen.

Het is dus niet zo dat je niet kan slapen omdat je niet moe genoeg bent. Je bent juist te moe, alleen ben je zo vaak over je vermoeidheid heengegaan, dat je lichaam voortdurend in stress stand staat en stijf staat van adrenaline en cortisol, waardoor je toch wakker blijft.

Alles kost energie. Ook leuke dingen doen. Je krijgt alleen energie van slapen. Ik weet dat het makkelijk klinkt – ga slapen – en er is niks zo erg als niet kunnen slapen terwijl je doodgaat van vermoeidheid. Maar ga dan gewoon liggen om zo langzaam je lichaam in de ruststand te krijgen, zodat je ooit weer echt kan gaan slapen.

Herstel van een burn-out is vooral genoeg rust nemen.

1. Je bent sterk en hebt een ongelooflijk doorzettingsvermogen.

Laat niemand je wijsmaken en maak vooral jezelf niet wijs dat je zwak bent. Juist mensen die een onverwoestbaar doorzettingsvermogen hebben, kunnen een echte burn-out krijgen.

Want je hebt de mentaliteit van een topsporter. Je gaat over grenzen van pijn en vermoeidheid. Jij zet door waar anderen opgeven. Je stelt het belang van anderen boven dat van jezelf. Maar juist topsporters kunnen alleen de top bereiken met de juiste begeleiding en met het nemen van rust. Na inspanning volgt ontspanning. Als ze niet genoeg rusten en herstellen, volgt blessure na blessure.

Jij hebt de grenzen van je lichaam niet gerespecteerd. Je kunt niet altijd op volle kracht doorgaan. Daardoor krijgt je lichaam steeds meer stress te verduren. Geef het rust.

2. Blijf heel lang binnen je grenzen.

Je bent jarenlang structureel over je grenzen gegaan. De signalen van je lijf heb je genegeerd of niet gehoord. Je hoofd zei dat je door moest gaan en dat allemaal moest doen. Je wilde doorgaan. Altijd. En dat deed je ook. Daardoor is je lichaam uitgeput en overbelast.

Je kunt het je niet veroorloven om nog langer zo vaak over je grenzen te gaan.

Herstel van je burn-out is alleen mogelijk als je de komende tijd vooral binnen je grenzen blijft. Alles wat je teveel doet, is weer roofbouw op je reserves en dat wat je langzaam opbouwt. Als je teveel doet, gaat of blijft je stresssysteem aan en slaap je slecht. En doe je alweer sneller teveel doordat je denkt dat het weer gaat. Dat komt door de adrenaline.

Omdat je gewend bent meer te doen dan goed voor je is, en omdat je nu ontzettend kleine grenzen hebt, is het raadzaam om datgene wat je wil doen, nóg kleiner te maken dan dat je denkt dat je kunt.

Je schat dat wat je kunt namelijk vaak te groot in.

En respecteer dat je grens niet altijd hetzelfde is. Als je nu vijf minuten buiten kunt lopen, zonder dat je je daarna of meteen al doodziek voelt, betekent dat niet dat je dat morgen ook kunt. Als het morgen niet lukt, doe het dan niet.

Naarmate de tijd verstrijkt, word je je steeds meer bewust van wat je aankunt. Je grenzen worden ook langzaam groter als je ze respecteert.

Vraag jezelf steeds af of het ‘t waard is.

Als je een keer over je grens wil gaan, of moet gaan, reken dan op een terugval.

Je overschat jezelf.

Hou er rekening mee dat je regelmatig de fout in gaat. Je wil te snel en teveel want dat ben je gewend. Je gaat gewoon naar die verjaardag en merkt dan dat het eigenlijk niet gaat. Want je voelt van tevoren niet goed wat je lichaam aangeeft. Of je vindt dat het alweer moet kunnen. Wanneer je blijft oefenen, is het steeds makkelijker om te weten wat wel en niet kan en dan bewust te kiezen.

Herstel van je burn-out lukt alleen als jij je grenzen gaat ontdekken en ze serieus neemt.

3. Neem elk half uur of uur pauze. Doe niets. Zitten of liggen en naar je ademhaling of hartslag luisteren.

In het begin zul je merken dat het bittere noodzaak is. Misschien lig je de eerste maanden alleen maar in bed en kan je niet eens zitten. Maar na verloop van tijd doe je al gauw weer teveel als je je wat fitter voelt. Dwing jezelf zeker in het begin om elk uur even te zitten met je ogen dicht en te voelen hoe het gaat.

Je hebt een burn-out omdat je nooit serieus nam wat je voelde en je herstel versnelt als je leert voelen hoe het gaat.

Soms merk je dat het prima gaat. Soms merk je pas als je gaat zitten dat het eigenlijk helemaal niet gaat. Dan was je ongemerkt toch weer over je grens aan het gaan en voel je opeens pijn of moeheid die je niet voelde of negeerde toen je met andere dingen bezig was.

4. Maak er een gewoonte van je bewust te zijn van je lichaam.

Verkramp je je kaken? Trek je je schouders op? Knijp je met je ogen? Hijg je? Zucht je? Loop je voorover gebogen? Haal je adem vanuit je borst? Doe je gehaast? Gaat je hart tekeer? Doet je nek pijn? Heb je gebalde vuisten?

Probeer te ontspannen. Ga recht staan. Laat je schouders zakken. Adem naar je buik.

Neem pauze. Stop.

5. Maak er een gewoonte van je bewust te zijn van wat je doet. Moet het echt zo?

Doe je drie dingen tegelijk? Snauw je tegen je kind? Ren je de trap op? Haast je je door de kamer? Wil je opschieten?

Merk op wat je doet en probeer te ontspannen. Vertraag. Neem even pauze. Doe één ding tegelijk.

6. Maak er een gewoonte van je bewust te zijn van je emoties en gevoelens.

Je gevoelens wisselen nu sneller en komen ook harder binnen. Wanneer je oefent met ze opmerken, kun je het ook eerder voelen als het je echt teveel wordt.

Voel je irritatie? Moeheid? Staat de tv te hard? Lijkt al je bescherming weg? Wil je met de tv gooien? Wil je rust maar krijg je het niet? Voel je je verdrietig? Schuldig? Is er niemand die het begrijpt? Voel je je aangevallen? Machteloos? Boos? Woedend?

Alles tegelijk? Is je lontje niet kort, maar weg?

Loop weg. Neem een time-out.

Als je voelt aankomen dat je het niet trekt en zal gaan schreeuwen of met dingen wil smijten, of als je dat al hebt gedaan, ga dan weg. Ga bijvoorbeeld op de wc zitten met de deur op slot. Voel. En het gaat over. Vergeef jezelf en hou van jezelf. Zeg sorry voor de rare dingen die je misschien hebt geroepen of gedaan. Knuffel degene die van je is geschrokken. Voel hoe dat ontspant.

7. Doe één ding tegelijk.

Wanneer je weer iets kunt doen, of denkt dat je iets kunt doen, doe dan vooral één ding tegelijk.

Dus niet theedrinken en tv kijken. Maar thee drinken. Tv kijken. Dus niet eten en puzzelen. Maar puzzelen. Eten.

Als je kleine kinderen hebt, is het des te moeilijker omdat die ook aandacht van je vragen als je het eigenlijk niet kunt. Maar als je op andere momenten wel één ding tegelijk doet en je rust pakt, kan je de drukke tijdstippen beter aan.

8. Word je bewust van je gedachten.

Merk op dat je denkt of maalt. Wanneer je dat vaak oefent, merk je steeds vaker op dát je denkt en zodra dat gebeurt, stopt het. Wanneer je de waarnemer wordt van je gedachten, doorbreek je ze. Je bent niet je gedachten, maar je identificeert je ermee.

Wanneer je opmerkt dat je herhalende, irritante, negatieve, cirkelende gedachten hebt, doe dan je best je aandacht te richten op je ademhaling. Als ademhaling lastig is, probeer dan te luisteren naar je hartslag. Elke keer dat je weer wordt meegezogen in je gedachtestroom en je merkt dat op, kom je er al uit. Breng dan je aandacht naar je lichaam.

Breng je aandacht naar je hartslag, ademhaling, of de pijn in je benen, of de kramp in je nek etc. Hoe vaker je dat doet, des te makkelijker wordt het. En hoe beter je slaapt en hoe meer je met je lijf doet in plaats van met je hoofd, des te kalmer worden je gedachten en des te makkelijker wordt het om ze op te merken en eruit te stappen.

Hoe meer je uit je hoofd komt en dus in contact komt met je lichaam, des te eerder herstel je van je burn-out.

9. Wees je bewust van negatieve filmpjes in je hoofd. Maak er leuke filmpjes van.

Gedachtes blijven rondspoken in je hoofd. Maar die vaak negatieve filmpjes beïnvloeden rechtstreeks je gevoel. Je lichaam reageert altijd op wat je ziet, dus het reageert ook op innerlijke beelden.

Als de beelden in je hoofd over jezelf of gebeurtenissen positief, rustig, goed zijn, voel je je ook positief, rustig, goed.

Als je terugdenkt aan iets engs of naars, krijg je ogenblikkelijk de bijbehorende emoties. Waardoor je je dus ook vaak slecht voelt. Wanneer je jezelf toestaat om negatief over jezelf of situaties te denken, reageert je lichaam direct met spanning en angst. Wanneer je bewust een mooi filmpje in je hoofd afspeelt, iets wat echt gebeurd is of iets wat je graag zou willen, dan voel je je ogenblikkelijk ook vele malen beter.

Door de ontspanning worden de stress hormonen minder en wordt het herstel van je burn-out realiteit.

10. Doe niks omdat het moet, maar alleen omdat je het wil.

Maak er een gewoonte van om jezelf steeds af te vragen of je iets doet omdat je denkt dat het moet, of omdat je het echt wil.

Moet je kijken op Facebook? Wat levert het je op als je kijkt of ziet hoe zogenaamd leuk die anderen het hebben? Wil je echt weten waar die of die alweer heen is geweest op vakantie? Moet je die vage kennis feliciteren? Of wil je dat? Waarom? Vind je het leuk of doe je het alleen maar omdat het zou moeten en je denkt dat iemand jou anders misschien zou afkeuren en geeft het eigenlijk stress? Moet je echt dat gesprek met je moeder nu voeren? Of kun je zeggen dat je nu gaat rusten en dat je straks of volgende week wil terugbellen?

11. Perfect bestaat niet. Niemand is perfect. Of je bent juist al perfect zoals je bent.

Je bent gewend alles perfect te doen. Maar wat is perfect?

Voor iedereen betekent perfect iets anders. Is de dag perfect als het prachtig weer is en je met je gezin naar het strand gaat en een prachtige foto op Instagram plaatst? En als jij dan volkomen uitgeput bent? Of is het perfect als je met dat prachtige weer uit het raam staart en je kinderen kleien en er geen foto op Facebook komt? En dat jij dan een beetje uitgerust bent?

Minder is in dit geval meer.

En bedenk dat fouten maken erbij hoort. En wat is fout? Je blijft tot je dood aan het leren. 

12. Accepteer dat niemand het ooit helemaal zal begrijpen.

Sommige mensen doen hun best, maar begrijpen het toch niet. Ze zullen nooit precies voelen wat jij voelt. Nooit echt begrijpen waarom jij doet zoals je doet. Andere mensen zullen zelfs zeggen of denken dat je een aansteller bent. Je moet een schop onder je kont hebben en gewoon doorzetten. Is dat waar? Nee. Accepteer dat.

Jij denkt ook dingen over andere mensen. Is dat allemaal waar? Nee, ook niet.  

13. Eet gezond en wees lief voor jezelf. Eet genoeg en zeker niet te weinig. En makkelijk.

Je hebt al zo weinig energie, dus eet genoeg en gezond. Neem zo snel mogelijk je ontbijt na het wakker worden, omdat je dan juist nieuwe energie nodig hebt. Je hoeft geen kookboeken te raadplegen, doe gewoon simpel en makkelijk.

Neem tussen het ontbijt en de lunch en het avondeten ook tussendoortjes. En eet voor je gaat slapen nog bijvoorbeeld een handje noten. Wanneer je te weinig of niet vaak genoeg eet, daalt je bloedsuikerspiegel en wil je juist teveel en te zoet gaan eten, waardoor je eventjes meer energie lijkt te krijgen. Maar daarna stort je in vanwege een dip in je bloedsuikerspiegel, waarna de cirkel opnieuw begint.

Wil je afvallen? Ga niet lijnen. Daarvoor heb je veel te weinig energie en daarmee belast je het herstel van je burn-out nog meer. Lijnen is sowieso slecht, daarvan word je juist dikker op den duur. Van lijnen gaat je verbranding trager en kom je als je weer meer gaat eten juist aan, terwijl je niet teveel eet.

14. Stop met je schuldig voelen.

Voel je je schuldig omdat je het niet waarmaakt op je werk? Omdat je een waardeloze ouder bent? Vind je het moeilijk dat je partner nu zoveel alleen moet doen? Voel je je schuldig omdat je mensen in de steek laat? Of omdat je niet naar feestjes en verjaardagen gaat? Voel je je schuldig omdat er geen kinderen mogen komen spelen en jouw kinderen alleen naar anderen toe gaan? Voel je je schuldig omdat je collega’s jouw werk moeten doen? Omdat je niet gaat sporten? Omdat je iemand afzegt terwijl die juist goedbedoeld bij je langs wil komen?

Stop daarmee.

De enige manier om beter te worden en al die dingen weer te kunnen gaan doen – als je dat zou willen –  is voor jezelf zorgen zoals je voor al dat andere en die anderen hebt gezorgd, ten koste van je eigen gezondheid.

15. Jij bent de belangrijkste persoon in je leven.

Wil je je de rest van je leven zo verrot voelen als je je nu voelt? Nee. Dan is dit het moment om iets te veranderen. Word je bewust van wat je jezelf steeds aandoet en doe het anders.

Veroordeel jezelf niet, maar leer ervan.

Trap je weer in een valkuil, merk het op en doe het de volgende keer of misschien de keer daarop wél anders. Kom in actie.

De enige met wie je de rest van je leven moet doorbrengen, dat ben jezelf.

16. Stop met je iets aantrekken van wat (je denkt dat) anderen over je denken of wat anderen van je vinden.

Anderen hoeven jou niet leuk te vinden. Jij mag jezelf leuk vinden.

Je bent al meer dan de helft van je leven aan het zorgen voor anderen in plaats van voor jezelf. Je doet wat je denkt dat anderen goed vinden in plaats van wat goed is voor jou. Maar jij bent goed zoals je bent. Als iemand het stom vindt dat je de komende twee jaar niet afspreekt om iets leuks te gaan doen, is dat niet jouw probleem. Als diegene het niet begrijpt of het contact niet kan oppakken als jij je weer beter voelt, is dat jammer. Maar het is je inspanning niet waard.

Als je het wil, vind je andere mensen die jou wel waarderen om wie je echt bent.

17. Je bent verantwoordelijk voor je eigen gedrag en emoties. Niet die van anderen.

Als iemand het niet leuk vindt als je niet komt, of als je iets niet doet, of ergens nee tegen zegt, is daarmee omgaan de verantwoordelijkheid van die ander. Niet de jouwe. Je hoeft geen oplossing te bedenken voor een ander omdat die misschien iets lastig vindt als gevolg van jouw besluit.

18. Neem (lang) de tijd om te beslissen of je iets wel of niet doet. Je bent niet overal verantwoordelijk voor.

Jij moet – mag – nu voor jezelf kiezen.

Is wat je wil gaan doen ook goed voor jou, of alleen goed voor een ander?

Het is vaak lastig, want de meeste dingen die je voor een ander doet, zorgen er indirect voor dat jij je goed over jezelf voelt. Maar als je het herstel van je burn-out serieus neemt, moet je keuzes voor jezelf maken.

Wil je de juf helpen en je de rest van de week doodziek voelen en rottig doen tegen je kinderen? Of laat je anderen de juf helpen en heb jij door je rust te nemen genoeg geduld voor je eigen kinderen?

Als de juf vraagt om hulp in de klas, realiseer je dan dat er nog 50 andere ouders zijn, die bijna altijd allemaal nee zeggen. Die zijn niet ziek, en komen toch niet helpen.

Als niemand de juf gaat helpen, is er ook geen reden dat jij het nu wel gaat doen ten koste van je gezondheid. De juf redt zich wel en anders gaat de activiteit maar niet door, dat is nog steeds niet jouw schuld.

19. Accepteer dat je bent waar je bent en hoe je bent. Verbind geen tijd of deadline aan je herstel.

Het gaat met stapjes vooruit en stappen achteruit. Het gaat zoals het gaat en je doet je best. Alle verzet tegen hoe verlept je je voelt, zorgt dat je blijft steken in het herstel van je burn-out. Verzet betekent strijd en spanning en kost bergen energie en zorgt ervoor dat je juist over je grenzen gaat. Wanneer je accepteert dat je nu niet kunt wat je graag zou willen, is je herstel begonnen. 

Het zal gebeuren dat je ook over een langere periode moet concluderen dat je stiekem teveel hebt gedaan.

Misschien niet meteen merkbaar na een activiteit of een dag, maar na een aantal maanden voel je je slechter. Langzaam krijg je lichamelijke klachten terug die je kwijt was, of je slaap wordt weer – nog- minder en je ligt opnieuw nachtenlang wakker. Je hebt het gevoel dat je weer van voren af aan begint of totaal niet vooruit komt.

Rem jezelf weer of nog meer af en accepteer hoe het is. Je zult dit keer eerder opknappen, want je wil echt niet terug naar waar je vandaan kwam. En je hebt al een hoop veranderd en geleerd.

Leren is proberen. Om uit je burn-out te komen en te blijven, is het nodig dat je hardnekkige gewoontes verandert en misschien wel je zelfbeeld, om langzaam te herstellen, maar om nooit meer de oude te worden.

Met je herstel word je een andere en vooral lievere versie van jezelf voor jezelf.

Tekens van overleden persoon met zijn eigen horloge. Contact na de dood (Deel 4)

tekens van overleden persoon
16:10 uur

We hebben de overlijdenspapieren er nog op nagekeken. De akte. Tijdstip van overlijden 16:10 uur. De reden dat ik het moest controleren, was dat ik wel wist dat het om ongeveer 16:00 uur was, maar dat ik de precieze tijd niet wist. Tekens krijgen van een overleden persoon: “Ik ben er nog!” Mijn vader liet zijn horloge na zijn dood meerdere keren een aantal maanden stilstaan en daarna weer doortikken. Maar dat stilstaan was nooit op een willekeurig moment. Toeval? Wat mij betreft zou dat nog kunnen als zoiets één keer gebeurt. Maar dit verhaal vind ik wel zo sterk dat het alleen maar mijn papa kan zijn, die heeft gezorgd dat ik er echt niet meer aan hoef te twijfelen. En dan bedoel ik dus niet zo’n sterk verhaal dat het niet waar is, hoewel ik begrijp dat het ongeloofwaardig kan overkomen. Maar ik doe niets anders dan beschrijven wat ik heb opgemerkt. Zijn tekens van leven om te laten weten dat hij er nog is. Leven na de dood bestaat.

Het exacte tijdstip van overlijden was 16:10 uur.

En tot op de dag van vandaag staat zijn horloge stil op die bewuste tijd. Dit was het ultieme bewijs en dat na drie andere veelzeggende datums en tijden waarop zijn horloge bleef stilstaan.

Op het moment dat ik erachter kwam dat het echt precies 16:10 was dat mijn vader was overleden en ik dat aan mijn broers ging vertellen, gebeurde er nog iets zeer opmerkelijks. Daarover straks meer. Nu gaan we een stukje terug in de tijd om de eerste keer te beschrijven dat zijn horloge stil bleef staan.

Tekens van een overleden persoon?

Er zijn vele verhalen te vinden over horloges van overleden personen die bij nadere beschouwing precies zijn blijven stilstaan op de sterftijd. Dat zou je kunnen wijten aan toeval. Dat mag. Zou best kunnen. Maar het komt behoorlijk vaak voor.

Is het dan nog wel toevallig?

Ik ben op zolder gaan zoeken naar het horloge van mijn schoonvader. Want toen ik het horloge van mijn vader keer op keer in beweging zag komen en op uiterst veelzeggende dagen en tijden weer een lange tijd zag stilstaan, werd ik erg nieuwsgierig. Op het moment dat mijn schoonvader een aantal jaren daarvoor was doodgegaan, was ik zelf nog niet bezig met leven na de dood en de mogelijkheid van het krijgen van tekens van een overleden persoon.

Maar ik was aangenaam verrast bij het zien van het horloge van mijn schoonvader en zijn dag van sterven, die ik had opgezocht op de rouwkaart.

Nu eerst het horlogeverhaal van mijn eigen vader, want die maakte het wel erg bont.

Ik zie zo voor me dat hij zat te genieten wanneer ik ontdekte wat hij nu weer had gedaan. Dat ik het doorhad. Want het moet knap lastig zijn, als je probeert te laten weten dat je er nog bent en je wordt niet opgemerkt. En omdat hij wist dat ik veel bevestiging nodig had, heeft hij erg zijn best gedaan. Of misschien wel om te zorgen dat ik het ooit aan de rest van de wereld zou gaan vertellen.

Omdat bijvoorbeeld gevoelens van opmerken dat een overledene aanwezig is, nogal vaag zijn voor anderen, vind ik mijn horlogeverhaal altijd zo veelzeggend.

Toeval? Kansberekening?

Mwah. Niet meer.

Als je mijn verhaal hebt gelezen, omdat je er nog aan twijfelt, ben je daarna misschien overtuigd. Of misschien lees je het uit nieuwsgierigheid. Of om een soortgelijke ervaring te vinden met tekens van een overleden persoon, om je eigen ervaring bevestigd te zien als een serieus teken van leven na de dood.

Het horloge van mijn vader heb ik eerst nog een tijdje gedragen.

Het deed het namelijk nog gewoon nadat hij was doodgegaan. Zijn horloge was veel te groot voor me, maar ik vond het fijn om iets van hem bij me te hebben. Iets waar hij zelf elke dag vaak op keek. Hij had zo’n speciale horloge blik, een soort automatisme, waarmee hij keek hoe laat het was, terwijl het misschien helemaal niet nodig was om te weten hoe laat het was.

Op een dag stopte zijn horloge ermee.

Niet opgelet op wat voor tijd of wat voor datum het stopte. Ik heb het naast de urn met zijn as erin gelegd, die toen nog in de kast stond.

Een half jaar later ongeveer werd zijn piano uit zijn oude huis verhuisd naar mijn eigen huis.

Als je mijn vader hebt gekend, weet je dat die piano het grootste deel van zijn leven daarvan deel uitmaakte. Die piano was langer bij mijn vader dan ikzelf en er werd veel op gespeeld. Ik vond het erg emotioneel om die te verhuizen, maar de vertrouwde pianostemmer die dus ook mijn vader kende, deed dat met beleid.

Vanaf het moment dat de piano bij mij in huis stond, kreeg de urn daar een mooi plekje bovenop. En zijn horloge legde ik erbij.

Ik heb het naast zijn foto gelegd, op het hoekje van zijn eigen piano.

Opa in de urn is nu trouwens uit logeren bij m’n nichtje.

Maar wat mij betreft zit hij daar dus helemaal niet in, oftewel alleen zijn buitenkant. Hijzelf, of zijn ziel of energie, of hetgeen hij werkelijk is en wat dus doorleeft na het sterven van het lichaam, liet iets zeer bijzonders gebeuren met zijn horloge.

Vanaf het moment dat zijn horloge op de piano was gelegd, begon het spontaan weer met tikken.

Langzaam, niet op een normale snelheid, maar de secondewijzer tikte wel vooruit.

Grappig, dacht ik, de batterij zou nog wel niet helemaal leeg zijn. Elke keer dat ik langs de piano liep en even stilstond bij mijn papa in de urn, keek ik vanzelf ook even op zijn horloge. Gewoon, zoals ik ook naar zijn foto keek.

Het volgende kan nog wel verwarrend zijn, als ik het heb over een datum of een tijd, daarom leg ik uit dat er op zijn horloge een datumteller zit. Normaal gesproken, als het horloge het echt doet, geeft die aan wat voor datum het is. Dus bijvoorbeeld op 20 december staat dat ding op 20.

Iedere dag keek ik eventjes op zijn horloge. En het bleef stug doortikken, langzaam, alsof de secondewijzer met een zo goed als lege batterij moeite deed om nog vooruit te komen.

Opeens stond zijn horloge weer stil, met de datumteller op de 19e.

Mijn vader is doodgegaan op de 19e. Mijn hart maakte een sprongetje want zijn horloge was dus al maanden langzaam aan het tikken en was nu blijven staan op de 19e. En daar bleef het een paar maanden op stilstaan.

Toeval?

Ja, daar twijfelde ik toen nog aan. Wel erg toevallig. Heel leuk toeval, dat wel.

Ik had wel al gelezen over tekens krijgen van een dierbare die is overleden en contact krijgen met iemand die dood is, maar dat zou dit toch niet zijn?

Zijn horloge begon na een tijd opnieuw vanzelf met tikken.

Weer langzaam, met veel moeite. Maar toch zonder pauze. Elke dag ging ik even kijken of ie het nog deed.

Na een aantal maanden zou de pianostemmer komen. Dezelfde meneer die ook al jarenlang bij mijn vader thuis was geweest, en de piano had verhuisd, kwam nu voor de eerste keer bij mij thuis de piano stemmen.

Ik had een afspraak met de pianostemmer op vrijdag de 13e om 10:00 uur.

Vlak voordat het 10:00 uur was, keek ik nog even op het horloge op de piano. En ik schrok me een ongeluk. Het horloge dat al die tijd langzaam verder had getikt, had dus ook altijd op de verkeerde tijd of datum gestaan. Maar nu?

Zijn horloge stond opnieuw stil. Zowel de datumteller als de tijd klopte met de afspraak van de pianostemmer op dat moment.

Het was 10:00 uur en de 13e en het horloge stond op 10:00 en op de 13e en het stond stil.

Ik verzin het niet.

Vanaf dat moment weer een aantal maanden een stilstaand horloge. Tot het opnieuw ging tikken, ja het wordt saai, of het wordt juist mooier dan ik had kunnen verzinnen.

Langzame tikjes en vooruit weer gingen die wijzers. Ik kon het zelf bijna niet geloven. Ik dacht eigenlijk dat het toeval nu wel zou ophouden, anders zou het te gek worden. Maar nee. Zijn horloge bleef doortikken tot en met 23 december.

Vlak voordat we uit eten zouden gaan om de verjaardag van mijn vader te vieren – 23 december – keek ik op zijn horloge.

Op zijn eigen verjaardag stond zijn horloge opnieuw stil. Alweer op de 19e. Zijn sterfdag.

Toen vroeg ik me nog zoiets raars af, of ik misschien met eigen gedachtekracht dingen kon beïnvloeden ofzo. Hihi. Misschien had ik krachten zoals Matilda uit het boek van Roald Dahl, kon ik zelf horloges met lege batterijen in beweging brengen en laten stoppen op speciale dagen en tijden.

Nee. Want de laatste keer dat zijn horloge bleef stilstaan, had ik wel een vermoeden dat er iets speciaals aan de hand was, maar had ik bevestiging nodig van de overlijdensakte en hulp van mijn broer. Dus dat had ik onmogelijk zelf kunnen doen.

En natuurlijk ben ik geen Matilda uit een fantasieverhaal.

Dit was echt.

Deed papa dat? Overleden en iedereen in diep verdriet en hij maar tekens aan het sturen? Seintjes aan het geven terwijl hij hartstikke dood was? Nee toch…

En toch.

Tikken en doorgaan. Stilstaan.

Dus niet even, dat je je afvraagt wat tikken en stilstaan is. Nee, echt een paar maanden stil en dan weer een aantal maanden non stop door.

En dat gebeurde dus nog een keer en nu voor de laatste keer. Tenminste dit is nu al een aantal jaren geleden en zijn horloge heeft na wat ik je nu ga vertellen, geen enkele beweging meer gehad.

Dat kan ook haast niet anders, want dit was wel het toppunt.

Ik kan wel zeggen dat ik tekens krijg van mijn geliefde maar overleden papa, maar dat blijft vaak vaag. Die eerste droom was voor mij puur bewijs, maar ik kan me voorstellen dat het een ander niets zegt. Maar dit? De enige andere verklaring is toeval. Maar wanneer kun je iets nog toeval noemen?

Dus jawel, de wijzers kwamen weer op gang, op diezelfde trage manier.

Nu was ik natuurlijk bijzonder gespitst op hetgeen er zou gaan gebeuren. Elke dag effe paar keer kijken. Hoe laat is het? Wat voor datum is het? Staat ie stil? Nee, hij gaat nog steeds door.

Lange tijd, tergend langzaam, tikte zijn horloge door.

En toen stond hij weer stil.

Doodstil.

Op de 19e? Nee. Wat jammer. Was er iets anders speciaals vandaag? Nee. Was het dan toch allemaal toeval? Waren de bijzondere momenten dan nu afgelopen? Dat moest dan wel.

Tot ik nadacht over het tijdstip.

De wijzers stonden precies op 16:10 uur, maar dat klopte niet, dus dan was het geen teken. Het moest wel precies kloppen. Dit telde niet. Want papa was doodgegaan om 16:00 uur. Toch?

Of niet?

Ik heb niet op de klok gekeken toen het echt zover was namelijk. Ik was erbij toen hij doodging en ik zie het nog precies voor me. Dus ik had wel andere dingen aan mijn hoofd dan op de klok kijken. Het was rond 16:00 uur, dat wel.

Waarom stond zijn horloge dan stil op exact 16:10 uur?

Ik stuurde mijn broers een bericht met de vraag hoe laat papa was doodgegaan. Daarna volgde er een gesprek op WhatsApp dat er ongeveer zo uitzag:

Ene broer:

16:00 uur, dat weet je toch.

Ik:

Ja dat weet ik natuurlijk, maar ik moet het precies weten. Was het echt 16:00 uur, of 16:05 of 16:10 of 16:15? Of iets anders?

Ene broer:

Dat weet ik niet hoor.

Ik:

Ik moet de precieze tijd weten dat ie dood was.

Andere broer:

Ik weet het ook niet. Maar ik heb hier ergens de overlijdenspapieren. Zal ik effe kijken?

Ik:

Ja, schiet op! Hoe laat?

Andere broer:

16:10 uur.

Ik:

Het tijdstip van overlijden is 16:10 uur?! Serieus?

Andere broer:

Ja.

Wat ik toen deed en zei, dat weet ik niet meer.

Ik weet wel dat mijn hart in mijn keel klopte en dat ik van spanning en blijdschap en ongeloof wist dat ik het nu absoluut zeker wist.

Wat het nog spannender maakte, was dat precies op het moment dat ik mijn broers het bericht stuurde dat zijn horloge op 16:10 uur was blijven stilstaan, en ik er een fotootje van ging maken, mijn dochtertje een bijzonder rare ervaring had.

Mijn dochter van toen 5 jaar kwam beneden en was zeer verbaasd.

Het was namelijk ’s ochtends en nog donker en zij had iets langer geslapen dan haar broertje. Toen zij nog boven was en ik naar mijn broers het ongelooflijke bericht stuurde, kwam zij net uit haar kamer en waren boven alle lichten uit.

Zodra ze beneden door de deur kwam, vertelde ze geschrokken en zeer verbaasd dat het boven heel erg donker was, maar dat het licht in de kamer van haar broertje vanzelf aan en weer uit ging.

Het licht ging vanzelf aan en weer uit.

Mama ik deed niks en er was helemaal niemand. Het ging gewoon vanzelf!

Die lamp is niet kapot en is nooit vanzelf aan en weer uit gegaan, behalve op dat ene bewuste moment. Een spaarlamp die er nog steeds in zit. Het licht in die kamer doet het prima.

Waren dat nog meer tekens van mijn overleden papa? Om aan te geven dat ik het goed zag? Dat hij het echt was? Als een toefje slagroom op de taart? Als extra bevestiging?

In ieder geval kreeg ik het door dat bericht van mijn dochter nog benauwder dan ik het al had op dat moment. Niet bang benauwd, maar ontzettend vol vreugde en schrik en blijdschap. Het gaf een kick.

Op de akte van overlijden stond 16:10 uur.

Mijn broer keek in een ander huis op de akte van overlijden en zonder dat we zelf wisten hoe laat onze papa precies was doodgegaan, stond op zijn horloge precies dezelfde tijd als op die akte.

Hoezo tekens van een overleden dierbare? Hoezo toeval? Wat was dit?

Tot op de dag van vandaag – dat is nu al een aantal jaren geleden – staat zijn horloge op dat bijzondere tijdstip stil. Als een bewijs. Als een herinnering aan mijn papa die heel vaak nog bij me is, maar waar ik geen bewijs meer voor nodig heb.

Lees verder in Contact na de dood (Deel 5) waar ik vertel hoe ik mij te pletter schrok van de kastdeuren die openvlogen!

Heeft je hoogsensitieve kind een last of een kracht

hoogsensitieve kind last of kracht
Vallen of Fietsen

Hoogsensitieve kinderen hebben vaak hulp nodig om te leren omgaan met de uitdagingen van hun eigenschap, zodat de last een kracht kan worden. Waardoor ze zich bewust worden van hun prachtige talenten en die ook kunnen benutten. Dat geldt ook voor vele volwassenen, wanneer die er nu pas achter komen dat ze hoogsensitief zijn. Je hoogsensitieve kind heeft namelijk een aangeboren kenmerk, dat een last kan zijn als er niet voldoende aandacht voor is, maar dat een kracht kan zijn wanneer het begrip ervoor en de juiste manier van ermee omgaan aanwezig zijn.

Moeilijk gedrag heeft altijd onderliggende oorzaken.

Als orthopedagoog, leerkracht basisonderwijs en hulpverlener in de jeugdzorg, heb ik vele kinderen en ouders begeleid. Vanuit die ervaring wist ik allang dat moeilijk gedrag altijd onderliggende oorzaken heeft en dat je vaak als ouder iets bij jezelf kan veranderen, opdat het gedrag van je kind kan veranderen. Maar bij mijn eigen kind kon ik daar niet genoeg bij. Ook niet mij mezelf.

Je kind is niet moeilijk. Je kind heeft het dus moeilijk!

Breekt je hart?

Zelf ben ik opgegroeid als hoogsensitief kind en daar kwam ik pas laat achter. Eigenlijk pas toen ik erachter kwam dat mijn kind hoogsensitief is. Nu ben ik een hoogsensitieve moeder met twee hoogsensitieve kinderen en ik weet als geen ander in wat voor ingewikkelde dynamiek je met je kind kunt belanden. Er spelen vaak ook factoren mee die zich (deels) op onbewust niveau afspelen en het is moeilijk om daar zelf bij te komen.

Dat is veranderd toen ik Juliska leerde kennen van Praktijk Eigentijdse kinderen.

Eindelijk vallen alle puzzelstukjes op hun plaats. Daarvoor had ik al een boel in de gaten, maar kon mijn vinger er niet helemaal opleggen. En de problemen bleven bestaan. Eindelijk begrijp ik nu mezelf en eindelijk begrijp ik mijn kind echt. Daardoor kan ik ook eindelijk doen wat goed is voor mezelf en – dus – ook voor mijn kind.

Zelfvertrouwen en emoties.

Gedrag is altijd een gevolg van onderliggende (onbewuste) oorzaken en wanneer je een kind alleen aanspreekt op dat moeilijke gedrag, kun je het zelfvertrouwen juist (verder) ondermijnen. Met inzicht in wat het betekent hoogsensitief te zijn en daarmee te leren omgaan, kan een kind zich eindelijk bewust worden van zijn talenten in plaats van zich onzeker en anders te voelen.

Fijngevoelig zenuwstelsel.

Hoogsensitieve kinderen zijn normale kinderen. Heel gewone kinderen met een eigenschap die lastig, maar ook heel mooi kan zijn. Als je hoogsensitief bent, heb je een zeer fijngevoelig zenuwstelsel. Hierdoor komen zintuiglijke prikkels ongefilterd binnen.

Hoogsensitieve kinderen nemen dus veel meer waar dan gemiddeld.

Die eigenschap maakt dat hoogsensitieve kinderen bijvoorbeeld heel empatisch zijn, behulpzaam, intuïtief en creatief. Met een groot gevoel voor sfeer en details. Ze voelen alles goed aan, zijn nauwkeurig en denken overal heel goed over na.

Maar het is ook vaak heel lastig. Al die prikkels hebben namelijk ook meer tijd nodig om verwerkt te worden. Hoogsensitieve kinderen hebben vaak een negatief zelfbeeld, of last van faalangst. Ze voelen zich vaak anders. Daarnaast zijn hoogsensitieve kinderen minder belastbaar, sneller uit balans en dus gevoeliger voor stress.

Je hoogsensitieve kind heeft dan vooral last van zijn eigenschap of talent, terwijl het kan leren dat het ook een kracht kan zijn en een kwaliteit.

Stress.

Die stress kan al bestaan uit een schoolreis, zand tussen je tenen uit de zandbak, duwende kinderen in de rij, een Sinterklaas surprise maken, een toets voor aardrijkskunde, een druk schoolplein in de pauze, een boze juf, of het getik van de pen van je buurman in een stille klas.

En meestal alles bij elkaar en nog veel meer, zowel op school als thuis.

Alles opmerken en voelen.

Een hoogsensitief kind heeft bijvoorbeeld zijn werk niet af, omdat het alles hoort en ziet en voelt om zich heen in de klas. Het blijft luisteren naar dat onbekende geluidje buiten en denkt erover na wat dat zou kunnen zijn en krijgt er bijvoorbeeld ook nog een angstig gevoel bij en allerlei beelden in zijn hoofd – terwijl de meeste andere kinderen dat geluidje niet eens opmerken.

Het heeft in de pauze een ander kind gezien na een valpartij, met een kin vol bloed en een gescheurde lip en voelt dat alsof het zijn eigen kin is. Het wil dat andere kind ook nog helpen, maar dat gaat niet. Het blijft erover nadenken en het voor zich zien.

Daarnaast is het bang dat het zijn werk niet af krijgt. En dat is dus ook vaak niet af.

Dan komt ook de juf nog langs, die zegt dat je dat wel allemaal moet weten voor de middelbare.

En wordt het geacht mee te denderen in de toetsen- en prestatiecultuur, terwijl het amper toekomt aan rustmomenten. Want met de pauze buitenspelen en snel je brood opeten in de klas, is geen rust. Maar tegenwoordig hebben bijna alle scholen een continu rooster.

Gepest worden geeft stress:

Heb jij je pyjama nog aan ofzo?

Een hoogsensitief kind heeft bijvoorbeeld vaak last van bonnetjes in kleren of van strak zittende kleding, zeker wanneer het minder goed in zijn vel zit. En wanneer het dan eindelijk een lekkere fleecebroek heeft gevonden, terwijl het eigenlijk liever een modieuze skinny jeans aan wil zoals de andere klasgenoten, maar dat niet lúkt, dan is zo’n opmerking erg stressvol voor zo’n kind.

Het wordt intenser beleefd.

Alle zintuiglijke informatie wordt intenser beleefd en heeft langer de tijd nodig om verwerkt te worden. En ook de hersteltijd is langer.

Zoiets is altijd al niet leuk, maar bij een hoogsensitief kind worden emoties intenser beleefd dan bij iemand die niet hoogsensitief is. En gedachten ook, dus ook de gedachten over die opmerking worden intenser beleefd.

Daar kunnen ze dan ook nog ’s nachts van wakker liggen, wat voor nog meer stress zorgt. Wanneer een hoogsensitief kind dan de volgende morgen wordt geacht naar school te gaan, stapelen de problemen zich al op, want wat als ze weer zeggen dat je in pyjama bent en wat nou als je weer je werk niet af hebt? Wat nou als dat kind naast je weer zegt dat jij stom bent en niet met jou in de slaapkamer wil op schoolkamp?

Je kunt niet eens kiezen wat je op je brood wil. Of bij wie je wil spelen. Hoe kan je dan kiezen wel werkje je als eerst zal doen op je weekplanning waar oneindig veel taken op staan?

En dit zijn maar een paar voorbeelden, want de werkelijkheid is nog veel ingewikkelder.

Thuis gaat het al helemaal niet vanzelf, wanneer ouders het (nog) niet snappen. Daar voelt een kind zich veilig genoeg om alle frustratie eruit te gooien, maar dat zorgt ook voor bergen frustratie.

Die combinatie van allerlei factoren maakt dat een hoogsensitief kind veel sneller overprikkeld raakt dan een gemiddeld kind. De prikkels stapelen zich op, wanneer zij zelf en/of de mensen in de omgeving niet snappen dat het voor hen anders werkt.

Je anders voelen.

Zoveel dingen die voor anderen zo normaal lijken, lukken vaak niet zo goed, wanneer je je vanbinnen vaak anders voelt en onbegrepen. Als je moeite hebt met dingen waarmee de meesten helemaal geen moeite hebben.

En soms doet een kind helemaal niet moeilijk. Hebben opvoeders niet zozeer last van moeilijk gedrag, maar is het kind teruggetrokken, stil en verlegen en zit het dus ook niet goed in zijn vel. Ook dan kan het extra steun gebruiken.

Hoogsensitiviteit en de last die een kind ervaart, dus het (langdurig) overprikkeld zijn, kan zich namelijk uiten in moeilijk, storend en clownesk gedrag, maar ook in het tegenovergestelde, dus stil en teruggetrokken gedrag.

Begrip en zelfvertrouwen.

Jezelf begrijpen en snappen dat je niet zozeer anders bent, maar gewoon jezelf, is een enorm belangrijke stap naar aanvaarden van wie je bent en zelfvertrouwen hebben.

Heeft je hoogsensitieve kind vooral een last of een kracht? Dat is vooral afhankelijk van het begrip en hoe ermee om wordt gegaan. Van hoe je kind zichzelf leert te begrijpen.

Hoogsensitieve kinderen zouden later een enorm belangrijke bijdrage kunnen leveren in de maatschappij, juist omdat ze alles zo goed reflecteren en elk aspect van een probleem tegen het licht houden. Ze vertrouwen daarnaast op hun gevoel, wat heel andere aspecten belicht dan alleen de rationele manier van problemen oplossen.

Kinderen zijn de toekomst van ons allemaal. Met meer begrip en aandacht voor hoogsensitiviteit kan er veel veranderen in de wereld in positieve zin.

Tekening of illustratie

potloodtekening illustratie
Keutel

Die blik van een kind wanneer hij het hondje van zijn oma levensgroot voor zich zag op het schoolbord, wanneer hij op zijn verjaardag de klas in kwam. Dat vond ik geweldig. En andere kinderen die binnen komen en dan zeggen:

Juf maar dat is toch het hondje van de oma van die en die?

Tekening of illustratie laten maken voor op een geboortekaartje, rouwkaart of trouwkaart? Zoek je bijvoorbeeld een uniek geboortekaartje met een tekening van je kind erop? Of een originele tekening voor op je trouwkaart? Bijvoorbeeld een mooie tekening van de parkietjes van je oma voor op de rouwkaart?

Tekening of illustratie laten maken?

Wil je eenvoudige maar waarheidsgetrouwe illustraties bij je boek? Of iets anders met een unieke tekening erop of illustratie erbij?

Alles is mogelijk. Neem contact met me op want vragen kost niets. Kijk hier voor enkele voorbeelden.

Origineel handwerk.

Tegenwoordig wordt bijna alles op de computer gemaakt. Ik hou het liever bij origineel handwerk. Gewoon een potlood en papier. Tekenen en schilderen doe ik al bijna mijn leven lang.

En ik heb géén herkenbare eigen stijl.

Treffend gelijkend.

Het liefst ben ik simpel aan het natekenen en naschilderen. Het weergeven van de werkelijkheid op een realistische manier. Niet uniek in eigen stijl maar wel goed gekopieerd: dat is mijn stijl. Van wekenlang prutsen, precies tot in het aller- allerkleinste detail, tot eenvoudiger en sneller, maar nog steeds treffend gelijkend.

Ik heb oneindig veel tekeningen gemaakt waar ik geen foto’s van heb. Tekeningen op de afscheidsboekjes toen mijn opa en oma waren overleden. Tekeningen voor kinderen omdat ze daarom vroegen.

Tekenen op een groot schoolbord is het leukst.

Ontzettend veel tekeningen op het schoolbord, die na een paar dagen weer werden uitgeveegd. Soms vond ik die eerlijk gezegd zelf zo prachtig dat het pijn deed om ze weg te vegen, maar ja, dan was de volgende jarige alweer aan de beurt. En het heeft ook iets speciaals; zo’n tijdelijk kunstwerk.

Die blik van een kind.

Die blik van een kind wanneer hij het hondje van zijn oma levensgroot voor zich zag op het schoolbord, wanneer hij op zijn verjaardag de klas in kwam. Dat vond ik geweldig. En andere kinderen die binnen komen en dan zeggen:

Juf maar dat is toch het hondje van de oma van die en die?

Als je een goed gelijkende tekening zoekt van iets of iemand en je hebt een goede foto of een duidelijk voorbeeld, ben je bij mij aan het juiste adres.

Schilderij van je Huisdier

betaalbaar schilderij huisdier laten maken
Mila

Een betaalbaar schilderij van je huisdier laten maken? Een hand geschilderd portret kan enorm duur uitpakken. Er gaan vele uren zitten in een levensecht portret tot in detail. Het is ook nog vakwerk. Maar een echt schilderij wil ik voor iedereen tot de mogelijkheden laten behoren, want dat straalt veel meer uit dan een foto en is uniek. Want tegenwoordig wordt bijna alles op de computer gemaakt, dus ook levensgrote foto’s afgedrukt op canvas.

Ik hou het liever bij origineel handwerk. Tekenen en schilderen doe ik al bijna mijn leven lang. Soms verschijnt er jarenlang geen schilderij, tekening of illustratie, maar dan gaat er een geliefd hondje dood en weet ik weer hoe leuk ik tekenen en schilderen vind:

Mila.

En ik heb géén herkenbare eigen stijl.

Het liefst ben ik simpel aan het natekenen en naschilderen. Het weergeven van de werkelijkheid op een realistische manier. Niet uniek maar wel goed gekopieerd. Van wekenlang prutsen, precies tot in het aller- allerkleinste detail, tot eenvoudiger en sneller, maar nog steeds treffend gelijkend. Kijk maar naar enkele voorbeelden.

Wil je een huisdierportret laten maken, dus een echt schilderij van je huisdier in plaats van een afgedrukte foto, maar wel nog net betaalbaar? Dat kan hier. Neem contact met me op want alles is mogelijk.

Social Share Buttons and Icons powered by Ultimatelysocial